Skip to content

Germaanse namen

Onze Germaanse voorouders gaven hun kinderen namen volgens oeroude, goede gewoonte: uit een keur van gebruikelijke, daarvoor bestemde woorden –die wij thans naamstammen noemen– stelden zij er twee samen om zo een enkele, betekenisvolle naam te smeden. Op die wijze beschikten zij over een geheel eigen, inheemse namenschat. Deze kunst van het samenstellen –deze noemkunst– zijn wij in de loop der eeuwen vergeten, maar veel van de oude samenstellingen zijn in verbasterde en versteende vorm tot vandaag de dag in gebruik. Bekende voorbeelden van zulke Germaanse namen zijn Hendrik, Arnoud, Berend, Herman, Gerard, Willem, Wouter, Frederik, Hadewijg, Machteld, Hildegond, enzovoort.

Tegenwoordig zijn wij ook deze versteende namen aan het vergeten, waardoor het Germaanse aandeel in onze namenschat ingrijpend is verminderd, vooral in de afgelopen vijftig jaar. Gelukkig is de Germaanse noemkunst echter alles behalve gedoemd om in de vergetelheid te raken – het is een gebruik dat met gemak hervat kan worden.

Vandaar dat hier beschikbaar zijn gemaakt:

* een lijst van vrouwelijke namen
* een lijst van mannelijke namen
* een lijst van Germaanse naamstammen
* enkele regels voor het samenstellen van een Germaanse naam

Verwijzingen
Berkel, G. van & K. Samplonius, Nederlandse plaatsnamen, 3e herziene druk (Utrecht, 2006)
Bosworth, J. & T.N. Toller, An Anglo-Saxon Dictionary (Oxford, 1989)
Ebeling, R.A., Voor- en familienamen in Nederland (Noordbroek, 1993)
Förstemann, E., Altdeutsches namenbuch (Bonn, 1900)
Green, D.H., Language and History in the Early Germanic World (Cambridge, 2002)
Halbertsma, H., Frieslands oudheid (Utrecht, 2000)
INL, Middelnederlandsch Woordenboek (webuitgave)
INL, Vroegmiddelnederlands Woordenboek (webuitgave)
INL, Oudnederlands Woordenboek (webuitgave)
INL, Woordenboek der Nederlandsche Taal (webuitgave)
Köbler, G., Altenglisches Wörterbuch, 2. Auflage (2003)
Köbler, G., Altfriesisches Wörterbuch, 2. Auflage (2003)
Köbler, G., Althochdeutsches Wörterbuch, 4. Auflage (1993)
Köbler, G., Altniederfränkisches Wörterbuch, 3. Auflage (2003)
Köbler, G., Altnordisches Wörterbuch, 2. Auflage (2003)
Köbler, G., Altsächsisches Wörterbuch, 3. Auflage (2000ff.)
Köbler, G., Germanisches Wörterbuch, 3. Auflage (2007)
Köbler, G., Gotisches Wörterbuch, 2. Auflage (1989)
Lehmann, W.P., A Gothic Etymological Dictionary (Leiden, 1986)
Nieuwenhuijsen, K., Namen in de Lagen Landen voor 1150 (webuitgave)
Orel, V., A Handbook of Germanic Etymology (Leiden, 2003)
Philippa, M., e.a., Etymologisch Woordenboek van het Nederlands (webuitgave)
Quak, A. & J.M. van der Horst, Inleiding Oudnederlands (Leuven, 2002)
Reker, S., Zakwoordenboek Gronings-Nederlands Nederlands-Gronings (Veendam, 1995)
Ringe, D., From Proto-Indo-European to Proto-Germanic (Oxford, 2006)
Schaar, J. van der (bewerkt door D. Gerritzen), Prisma Voornamen (Utrecht, 2002)
Schönfeld, M., Historische Grammatica van het Nederlands, 8e druk (Zutphen, 1970)
Searle, W.G., Onomasticon Anglo-Saxonicum (Cambridge, 1897)
Vermeyden, P. & A. Quak, Van Ægir tot Ymir (Nijmegen, 2000)
Vries, Jan de, Altnordisches etymologisches Wörterbuch (Leiden, 1962)
Weijnen, A.A., Etymologisch dialectwoordenboek, 2e druk (’s Gravenhage, 2003)