De godin Viradecthis
De Tungri in de zuidelijke Lage Landen vereerden in de Romeinse tijd een godin met vormen van de raadselachtige naam Viradecthis. Deze blijkt bij nieuwe beschouwing te verbinden met oude Germaanse voorstellingen omtrent de dood.
De Tungri in de zuidelijke Lage Landen vereerden in de Romeinse tijd een godin met vormen van de raadselachtige naam Viradecthis. Deze blijkt bij nieuwe beschouwing te verbinden met oude Germaanse voorstellingen omtrent de dood.
De omvochten vorstin Helénē, om haar schoonheid vermaard, heette net als andere Griekse vrouwen en godinnen leukṓlenos ‘blankarmig, witarmig’ in de Iliás en de Odússeia. Het is een samenstelling van een bijzonder slag, met verwanten in onze eigen taal.
Halverwege de vorige eeuw weer in zwang geraakt bij herinnering aan Saskia van Uylenburgh, de vrouw van Rembrandt van Rijn, de naam Saskia wordt begrepen als uiteindelijk verwijzend naar het volk der Saksen. Maar zouden we dan niet Saksia verwachten?
Tot het de punt van een polder werd was Urk ruim duizend jaar deel van een eiland dat tevoren door veen met het vasteland verbonden was. De naam Urk stamt uit die oudste tijd en heeft verwanten elders. We gaan op zoek naar hun oorsprong en betekenis. Lees verder “De oordnamen Ark, Ork en Urk“
Het is een zeldzaam genoegen te stuiten op een Nederlands woord waarvan de herkomst nog niet eerder onderzocht is. Dat geviel uw schrijver enige tijd geleden met het vergeten teuluwen ‘kneden’, dat een zeer oude erfenis geweest moet zijn. Lees verder “Een mens kan teuluwen”
Waar een pad heenleidt is soms een raadsel en dat schikt de nog altijd betwiste oorsprong van het woord pad, dat ontleend zou zijn aan een taal die tweeduizend jaar geleden in het verre oosten des Avondlands gesproken werd. Dat gaan we na… Lees verder “Op pad”
Friesland wordt weer Frieser van taal, leert ons nieuw onderzoek, maar het kan Frieser nog, want de taal herbergt inmiddels vele Nederlandse woorden waarvan oorspronkelijk Friese evenknieën bestaan of te achterhalen zijn, zoals rjûn naast raven/raaf. Lees verder “Dat is gjin raven mar in rjûn!”
Ruim twintig oorden in de zuidelijke Lage Landen en het noorden van Frankrijk hebben een vorm van de naam Gennep—en bijna allemaal liggen ze bij een samenkomst van stromen. We hebben hier zeer oud woordgoed binnen de Germaanse talen. Lees verder “Gennep is waar de wateren samenstromen”
Zuid van het duistere woud dat lang hun wereld begrensde wisten de oude Germanen van de *Albijōniz met hun witte toppen. Die naam, verwant aan Alpen voor dezelfde bergen, is oorspronkelijk gelijk aan een Keltisch woord voor de wereld en Brittannië: Albiōn. Lees verder “De Alpen als toppen der bovenwereld”
Ter aanzetting van zichzelf en de zijnen kon men vroeger uit de voeten met het woord weten ‘laten we’, zoals in weten gaan ‘laten we gaan’. Dit is niet het ons bekende weten ‘kennis hebben’ maar een geheel ander erfstuk uit het Germaans. Lees verder “Weten gaan!”
Hoor de hoeven over de heide gaan, de kiezen kauwen op kruid en struik, en bij hamel de bel van hals bengelen. Hier treedt een kudde, of een herde, om te spreken met een oud woord dat nog in herder schuilt en verwant is aan scheren—maar niet hoe u denkt. Lees verder “De herde”