Het varen van de ziel

Toen de zendelingen in de Germaanse wereld te werk gingen zochten zij in de volkstaal een woord ter vertaling van het Griekse psūkhḗ en het Latijnse anima voor dat onstoffelijke en onsterfelijke deel van de mens volgens de blijde boodschap. Het werd *saiwalō, de voorloper van ziel, een woord dat kennelijk vrij van al te heidense voorstellingen was. Over de diepere oorsprong is lang getwist, maar nieuwe overwegingen zijn onthullend. Lees verder “Het varen van de ziel”

Te voet naar heilige oorden

Niet alleen zie ik uit naar herstel van heilige ruimten tussen hoge bomen, maar ook naar hun verbinding met lange wandelwegen door het landschap, de paden waar toegewijden met staf in hand over togen kunnen. Die zielen heten er geen bedevaarders, alsof zij enkel om te bidden komen, noch pelgrims, om met een geleend woord te spreken. Zij worden walders genoemd vanuit de oude taal. Lees verder “Te voet naar heilige oorden”

Dorestad

Na een lange reeks slagen en de kwaaldood van hun koning Redbad in 719 delven de Friezen dan eindelijk het onderspit tegen de machtige Franken. Die krijgen daarmee voorgoed die belangrijke handelshaven weer in hun greep: Dorestad, gelegen op de waard waar Rijn en Lek uiteengaan. Heinde en ver is deze plek dan reeds geruime tijd bekend als verbinding tussen twee werelden. Er wordt vaak gesteld dat Dorestad eigenlijk een Keltische naam is of minstens ten dele, als een Gallo-Romaans overblijfsel, maar of dat werkelijk zo is… Lees verder “Dorestad”

Schiermonnikoog en andere ogen in de Waddenzee

Tegen het einde van de Middeleeuwen wordt vanuit het klooster Klaarkamp bewesten Dokkum een uithof gesticht op een Waddeneiland dat dan te boek staat als Werner oge. De monniken maken het meer bewoonbaar en de kappen die ze dragen zijn schier, oftewel lichtgrijs, zodat het heden algemeen bekend staat als Schiermonnikoog. Dat maakt het eerste deel van de naam duidelijk, maar waarom heet het een oog net als enkele andere eilanden verder naar het oosten? Lees verder “Schiermonnikoog en andere ogen in de Waddenzee”

Hete vuren te Uden in de vroege ijzertijd

Eind 1922 weet de schilder en geneesheer Hendrik “de Wieger” Wiegersma een duizenden jaren oud grafveld bij Uden in Noord-Brabant van de vernietiging te redden: hij koopt het onderhavige heideland en laat het onderzoek beginnen in het volgende jaar. Sindsdien zijn daar heel wat urnen en bijgiften uit de vroege ijzertijd opgegraven. Uden, als een naam van hoge ouderdom, zou er wel eens een verwijzing naar kunnen zijn. Lees verder “Hete vuren te Uden in de vroege ijzertijd”

Brabant en andere banten

Geleerden hebben zich lang verwonderd over het bestaan van Brabant. De naam dan. Het is duidelijk een verbastering van wat in volle vorm Braakbant zou luiden, kennelijk met braak in de zin van ‘onbebouwd, onbeploegd’ en daarmee een herinnering aan een tijd van leegloop toen het Romeinse Rijk aftakelde. Maar bant is niet helemaal duidelijk, behalve dat het in en om de Lage Landen naar een streek of gebied van een wisse aard kon verwijzen. Lees verder “Brabant en andere banten”