Nadänken over spelling

Terwijl Engelse spelling een dampende puinhoop is, met herhaalde roep om ingrijpende hervorming, kunnen wij achterover leunen en lachen. We twisten over kleine dingen, zoals de noodzaak van een tussen-n, maar al met al is onze schrijfwijze redelijk eenduidig en klankgetrouw. En toch, voor het Nederlands zou ik alleen al voor het oog eens wat flinke wijzigingen willen voorstellen, te beginnen met de mijding van aa, ee, oo en uu. Lees verder “Nadänken over spelling”

Orendel

In bijzonder nieuws is vandaag onthuld dat er aanwijzingen voor leven op Venus zijn ontdekt. Fosfine, een gas dat nauw met leven samenhangt blijkt in grote hoeveelheden voor te komen in de dampkring aldaar. Dat is gelijk een dichterlijk toeval, want fosfine is een fosforverbinding en het woord fosfor komt van Phōsphóros (‘lichtdragend’), de Griekse naam voor de morgenster, oftewel Venus. Laat het tevens bekend zijn dat onze Germaanse voorouders er hun eigen naam voor hadden: *Auzawandelaz, vanwaar Nederlands Orendel. Lees verder “Orendel”

Stille vrienden in Engeland

Zijn Nederlands groen en Engels green hetzelfde woord? Nou, ja en nee. Ze verschillen weliswaar duidelijk van vorm, maar ze hebben niettemin een gemeenschappelijke voorloper, uit de taal waar beide talen vertakkingen van zijn. Het zijn aldus zogenaamde evenknieën, net zoals bijvoorbeeld aarde en earth of huis en house. Van veel Nederlandse woorden is zo vrij gemakkelijk de evenknie in het Engels te herkennen. Veel, niet allemaal, want soms ligt het helemaal niet voor de hand. Lees verder “Stille vrienden in Engeland”

Verkleiningen

Hoewel sommigen van ons tot de rand van waanzin worden gedreven door de overvloed van verkleinwoorden, zal geen ziel geheel zonder dit taalgoed willen of kunnen. Men drinkt biertjes en eet hapjes, en niemand vermijdt beetje ten gunste van het grondwoord beet. Bovendien weten weinigen van ons dat bijvoorbeeld druppel, varken en veulen eigenlijk ook verkleinwoorden zijn. Dat noopt tot een uitleg van onze achtervoegsels ter verkleining. Lees verder “Verkleiningen”

Een stel in een woord

De tauw—de onderliggende schikking van het bestaan—behelst tegenstelling en wederzijdse afhankelijkheid, waarbij het ene door het andere betekenis heeft. Zo weten wij wat warm is omdat wij koud kennen, en andersom. In de oude Zijderijkse wijsbegeerte wordt zulke tweeheid gevat in het bekende begrip yīnyáng, oftewel ‘donker en licht’. Niet toevallig is dat woord het toonbeeld van een stelwoord, zoals ook Gronings voaiemoeke ‘vader en moeder’ en Oudindisch dyāvāpṛthivī ‘hemel en aarde’. Lees verder “Een stel in een woord”

Tien jaar Taaldacht

Het is vandaag het tweede vichtel (lustrum) van Taaldacht en dat vraagt om een kleine terugblik op de laatste vijf jaar. Er is in die tijd veel gevorst en geschreven, met name gewroet naar de oorsprong van allerhande woorden, waarbij veel nieuwe antwoorden zijn gevonden. Het is tevens bijna een jaar geleden dat de oude opmaak verloren is gegaan: de knusse stek onder de wortels van de machtige beuk moest wijken voor de huidige, breder opgezette webstede. Lees verder “Tien jaar Taaldacht”