Skip to content

Laat die stenen huppelen

31 juli 2015

kiskassen

Vlug, zonder het op te zoeken: hoe heet de kunst van het zó gooien van platte stenen dat ze huppelen over het water voordat ze zinken?

Velen van u zullen het niet weten of op zijn minst even goed na moeten denken. Het zal ook niet een wijdverbreid tijdverdrijf zijn in de Lage Landen, al kent iedereen het. En in het verleden was het kennelijk niet anders, want er is heel vaak een nieuw woord voor bedacht, als ware men niet zelden verlegen om één.

Bekende woorden zijn keilen, ketsen, kassen, kiskassen, plisje-plasje gooien en ook het laten zeilen en scheren van steentjes langs het water. Andere benamingen zijn keilderen, zeilderen, kitsen, kitsketsen, stipstappen, botten, pleien en slidderen. Of wat dacht u van haantjes en kiekjes maken of het bijzonder zakelijke puidetje-paddetje-waterslag smijten? Ernstige zaken vergen immers ernstige woorden. In het waterrijke Friesland is door de jaren heen ook heel wat versleten, waaronder flikkerje, platjesaaie, sjurrelje, skûdelje, skulferje, slierkje, snjirkje, snjitterje en zowel sweltsjepikke als sweltsjetippe.

Zoals gezegd, aangezien er almaar nieuwe woorden zijn bedacht voor deze handeling is het onwaarschijnlijk dat enig ervan werkelijk oud is, in deze betekenis althans. Toch doet kiskassen de oren spitsen bij de woordengekken onder ons. Ja, het lijkt klankschilderend of een nevenvorm van ketsen en dergelijke, maar er valt een andere herkomst voor te bedenken.

Allereerst, kiskassen is vanouds beperkt tot het noorden van Nederland. Hogelandster Gronings kiskern lijkt er een verbastering van, hetgeen op hogere ouderdom wijze. In het Drents komen naast kiskassen ook de vormen kistkasten en kiskasten voor en dan wordt het opeens een stuk belangwekkender. Het tweede lid kasten lijkt namelijk verdraaid veel op Oudnoords kasta ‘werpen, gooien’, dat voortleeft als Zweeds kasta, Deens kaste, Noors kaste en IJslands kasta, en dat door het Engels is ontleend als to cast. Het eerste lid kis komt ondertussen overeen met Duits Kies ‘kleine, vooral ronde steen’, dat langs Middelhoogduits kis afkomstig is van Oudgermaans *kisan ‘kleine, afgeronde steen’. Van diens verkleinvorm *kisilan komt Middelnederlands kesel en uiteindelijk Nederlands kiezel, waarbij overigens de -ie- door Limburgse of Hoogduitse invloed is gekomen.

Kiskassen –of beter kiskasten– is dan letterlijk ‘rond steentje werpen’. Toeval? Waarschijnlijk. Maar wel een mooie!

Welk woord gebruikt u voor deze edele bezigheid?

Advertenties
11 reacties leave one →
  1. Harry Tuinhout permalink
    31 juli 2015 15:05

    70 Jaren gelden noemden kinderen in amsterdam oost, dit spel” Keilen”

  2. w. mandema permalink
    31 juli 2015 15:12

    sji(e)steren noemden mijn Groningse ouders dit leuke spel tegen de zwaartekracht

    • Olivier van Renswoude permalink*
      31 juli 2015 15:41

      Ah, die was ik nog niet tegenkomen; wel sliestern, slistern.

      • w.mandema permalink
        31 juli 2015 18:00

        Ik heb dat sji(e)ster(e)n nooit gespeld gezien, dus het is mogelijk dat ik een “j” heb gehoord waar een “l”” werd uitgesproken. Sliestern en slistern benaderen dat wat ik heel lang geleden
        gebruikte als synoniem voor het Nederlandse keilen, ook bijzonder goed.

      • Olivier van Renswoude permalink*
        3 augustus 2015 15:57

        Elders meldde een lezer Veenkoloniaals sjirrelen als benaming voor deze bezigheid. Ik zou niet uit willen sluiten dat uw ouders sji(e)steren gebruikten als een versmelting van sjirrelen en sli(e)steren

      • w.mandema permalink
        3 augustus 2015 20:23

        Ik zou willen besluiten met de vraag: Heeft de scharrel van sjirrel en sli(e)ster dan toch een mooi, nieuw( ?) en wellicht wat wijderverbreid woord opgeleverd voor die zo lichtvoetige bezigheid?…..

  3. Marianne permalink
    31 juli 2015 17:43

    keilen.. en ik wist het meteen, blijkbaar was het iets dat ik bijzonder vond ;-)…. En wat belangrijk was: het moesten juist afgeplatte gladde ronde stenen zijn. Niet te klein en niet te groot. Ronde stenen kon je niet keilen, die ketsten niet omhoog..

  4. 31 juli 2015 17:44

    het woord keilen werd behalve in Amsterdam oost dus ook in Twente oost gebruikt..;)

  5. Luc Vanbrabant permalink
    10 augustus 2015 16:36

    In West-Vlaanderen gebruikt men o.a. ‘keilen’.
    Keilen komt van keielen, een frequentief van keien: met een kei gooien. Zou die kei zichzelf een aantal malen laten gooien op dat water?
    Er bestond ook afkeien (iets afsmijten met keien), doodkeien, voortkeien, wegkeien (weggooien)… Het heeft telkens met snelheid te maken. Keien betekent bv. ook ‘vlug lopen’.

  6. Walter Gauwloos permalink
    16 augustus 2015 22:05

    Wij noemden dat vroeger in Antwerpen ‘boterhammen snijden’
    zie woordenboek brabantse dialecten

  7. Luc Vanbrabant permalink
    12 oktober 2015 06:42

    Gisteren een ‘nieuw’ oud West-Vlaams woord voor dat keilen geleerd uit ‘Bachten de Kupe’ (strook land tussen de Ijzer, de zee en Frankrijk): puddiege paddiege!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s