Het Kolenwoud tot Turenhout
Dwars door België strekte ooit het wijde bos dat silva Carbōnāria heette bij de Romeinen. Een oude inheemse benaming leve voort als de oordnaam Turnhout, voorheen Turenhout, met de Germaanse evenknie van Latijn dūrus ‘hard’ en Sanskriet dūráḥ ‘ver, wijd’. Lees verder “Het Kolenwoud tot Turenhout”
Vuur als levend wezen
De verre voorloper van onze taal had twee woorden voor vuur: het ene onzijdig, het andere mannelijk. Ze zouden een tegenstelling weergeven tussen vuur als lijdzame zaak en vuur als bezielde kracht, een voorstelling die in het aloude oostervuur voortleve. Lees verder “Vuur als levend wezen”
De keefse
Met de verschijning van het tweede deel van Dune op het witte doek betreedt het begrip ‘bijzit’ wederom het wijdere bewustzijn. Nu wordt daar vaak het leenwoord concubine voor gebruikt, vroeger het raadselachtige erfwoord keefse. Lees verder “De keefse”
In volle varwe
Kleur tooit het land weer nu de krokus bloeit als vrolijke voorbode van Vrouwe Oostere, de lieve lentegeest. We kunnen haar wel evengoed Vrouwe Varwe noemen, met het oude woord voor ‘kleur’ dat ons allen nog bekend is in zijn nieuwere, mindere vorm verf. Lees verder “In volle varwe”
De grond van Mercurius Arvernus
Gallië’s vermogende stam der Arvernī had beeld en bergheiligdom gewijd aan hun Mercurius. Enkele tweede-eeuwse wijstenen voor Mercurius Arvernus lijken hem te bedoelen maar zijn alle ver weg in Germanië gevonden. Is de gelijkenis dan slechts toeval? Lees verder “De grond van Mercurius Arvernus“
De minder bekende schat van Oss
Rijk zijn de giften die vorige eeuw bij Oss in de grootste grafheuvel van Nederland gevonden zijn. Vorstelijk is het zwaard met been en goud in houten hilt dat voor begraving opzettelijk omgebogen was. Oss heeft echter nog een andere oude schat: zijn naam. Lees verder “De minder bekende schat van Oss”
De geheimzinnige Veluwse bosnaam Sysselt
Het jaar is 1427 wanneer Arnold, hertog van Gelre, een stuk bos op de Veluwe afstaat aan zijn leenman Udo de Boze, heer van Kernhem. Dit bos heet dan de Zijsselt, nu de Sijsselt of Sysselt, een naam die met woorden voor toverkunst te verbinden is. Lees verder “De geheimzinnige Veluwse bosnaam Sysselt“
Wat talingen tekent
Met een groene oogschaduw geschikt voor de jaren tachtig gaat het manvolk der wintertalingen welgesmukt de wereld door. Ook de zomertalingen zijn mooi bij de kijkers gevlekt, zij het met wit. Ligt dat misschien vervat in de benaming taling? Lees verder “Wat talingen tekent”
Germaanse woorden voor torens
Dankzij de Romeinen is in alle Germaanse talen een vorm van toren gangbaar, maar dat zegt niet dat men in onze streken eerder geen weet van rijzig bouwen had. We bekijken wat noordelijke woorden voor torens, waarvan een zeer oud lijkt: Oudhoogduits urrea. Lees verder “Germaanse woorden voor torens”
De Bharatās: de stam die India zijn naam gaf
Duizenden jaren geleden stichtten de Bharatās hun koninkrijk in het noorden van het land dat India zou worden en naar hen ook Bhārat heet. Deze naam, heden steeds sterker uitgedragen, is geestelijk rijk en heeft verwanten in de Germaanse talen. Lees verder “De Bharatās: de stam die India zijn naam gaf”
Wat we doen wanneer we denken
Taalkundigen veronderstellen het bestaan van wel drie verschillende Indo-Europese wortels met de vorm *men-. Een beduidde zoveel als ‘denken’, de andere ‘blijven’, de derde ‘uitsteken’. Het ware eerder een enkele wortel met een eenvoudige betekenis. Lees verder “Wat we doen wanneer we denken”