Skip to content

De Borries

29 september 2010

In het oude Groningen werden verhalen verteld van een grote, lompe, zwarte, helse spookhond, met ogen gloeiend als kolen en groot als theekoppen, die op en om de wierden doolde. Men noemde deze de Borries. Een dergelijke zwarte spookhond komt over de hele wereld in verhalen voor; soms is het een betrekkelijk goedaardig wezen, maar meestal is het een gevreesde verschijning. Zo is er in het Engelse Norfolk en omstreken Black Shuck, die veel gelijkenissen met de Borries vertoont. Vergelijk ook Garmr, doder van de god Týr in de Oudnoordse mythologie. Verder weg van huis is Cerberus, bewaker van Hades in de Griekse en Romeinse mythologie.

Volgens het Etymologisch dialectwoordenboek is er voor Borries geen duiding beschikbaar. Dat euvel kan wellicht worden verholpen. Naast Borries bestaan er in de streektalen van Groningen overigens ook de vorm Burries id. en, met wijdere betekenis, het woord barries ‘grote hond; stevige jongen; fors persoon’.

Als we zien hoe het Gronings mirreg heeft naast Nederlands middag en binnen het Gronings het jongere borre ‘slee’ naast bodde ‘slee’ bestaat, dan wordt meteen al duidelijk dat er in het Gronings een neiging is om -dd­- als -rr- uit te spreken. Zie ook Gronings morries naast Nederlands moed, waar bovendien de uitgang -ies een latere ontwikkeling lijkt. Het is dan ook aannemelijk dat Borries van een oudere vorm als bodd- komt.

Het woord lijkt dan een voortzetting te zijn van (oostelijk) Middelnederlands bodde/budde ‘spook’, een woord waar overigens ook geen duiding voor is. Het is mogelijk te verbinden met een werkwoord dat we nog tegenkomen in Zuid-Nederlandse vormen als boddelen ‘stommelen, rommelen’, in Duits buddeln ‘in het zand woelen’ en in Fries bod(z)je ‘sloven, zwaar werk verrichten; zich moeizaam voortbewegen’. Het Gronings zelf heeft overigens ook bodder ‘werkezel, sloof’. We kunnen bodde/budde dan vergelijken met het bekende Nederlandse woord boeman, dat oudere vormen als boeseman en boesman kent en zo te verbinden lijkt met boezen ‘stommelen; lawaai maken; kloppen’ (zie ook Fries bûzehappert ‘boeman’ en bûzeman id.), al kan het zijn dat boezen als werkwoord een latere afgeleide is van boeseman en het eerste lid boese- oorspronkelijk iets heel anders betekende; wellicht is het verwant aan woorden als boos ‘verbolgen’, buizen ‘zuipen’ (eigenlijk ‘opzwellen door drank’), Middelnederduits bussen ‘opzwellen’ en Engels to boast ‘opscheppen, dik doen’.

En zo komen we ook bij een andere mogelijke duiding voor bodde/budde (en dus Borries); dat het van dezelfde wortel is als Nederlands buidel, Nieuwijslands budda ‘geldbuidel’, Oudengels budda ‘kever’ en vermoedelijk ook Noord-Hollands bodde ‘viskaar’ en Engels bud ‘bloemknop’, en zo een eigenschap van bolling, ronding en gezwollenheid aanduidt. De Borries werd dan ook als groot en lomp gezien en de (ogenschijnlijk jongere) variant barries wijst op dezelfde eigenschap. Vergelijk ook het Groningse bijwoord bodde ‘zeer, erg’, dat hiermee te verbinden lijkt.

Of het woord Borries oorspronkelijk komt van een wortel in de trant van ‘bollend, gezwollen’ of van een wortel die ‘stommelend, woelend’ betekent, het is goed mogelijk dat beide wortelen uiteindelijk van invloed zijn geweest. De voorstelling is in elk geval een indrukwekkende.

Advertenties
5 reacties leave one →
  1. 29 september 2010 21:29

    De Black Shuck in East Anglia/Norfolk is geen graag geziene gast!. Hij komt verder wel enigszins overeen met de Borries en met de “Verkearde Hond” uit Twenthe.

    De Boeseman klinkt als de “Boozemkeal” uit Twenthe, welke een soort boeman is. 🙂
    Het eerste deel van het woord is “boozem”; schoorsteen(kap), het tweede is “kerel”.
    Dit doet natuurlijk denken aan Sinterklaas, welke ook niet altijd de verweekte kindervriend was, zoals die nu zo vaak naar voren wordt geschoven door winkelorganisaties en andere commerciele instellingen die er met zijn feestje meedoen een aardig pepernootje kunnen verdienen.
    Maar het is nog geen December, pardon, Wintermaand, dus ik zal daarover ophouden. 😉

    “Borries” klinkt prachtig…een naam, verhalen waardig!.
    Het begint nu toch echt erg te kriebelen, Olivier, om eens wat taalknuddig te bloggen.

    • Olivier van Renswoude permalink*
      29 september 2010 21:47

      Je hebt helemaal gelijk; ik haalde Black Shuck door de war met een andere zwarte hond in Engeland die wel als betrekkelijk goedaardig werd gezien. Ik heb het bericht aangepast, ook omdat de Borries ook niet altijd als goedaardig werd gezien.

      Dat over Sinterklaas en de Boozemkeal klinkt heel belangwekkend! Een figuur/wezen dat zich via de schoorsteen in de veiligheid van je huis wurmt is bij nader inzien best griezelig.

      Over taalkriebels gesproken: ik denk dat je het stukje dat ik voor overmorgen heb gepland ook zult waarderen.

  2. 1 oktober 2010 00:16

    Leuk dat je de Borries bespreekt!
    Ik heb er een paar maand geleden een strip over gemaakt.
    Geheel eigen versie, maar met verwijzing naar het oorspronkelijke Groninger spookverhaal.
    Hier kun je de strip lezen.
    Bij zoeken naar verhalen en achtergronden over de Borries vond ik (helaas kan ik me niet herinneren waar ik het las) een verklaring die in de richting wees van de eigennaam Boris, in Duitsland ook wel als Borries of Börries geschreven.
    Wie zal het zeggen!
    In het verhaal zelf is een duidelijke overeenkomst met een van de sprookjes van Andersen, aangezien de Borries ogen heeft zo groot als ‘Dobbelaier’.
    🙂

    • Olivier van Renswoude permalink*
      1 oktober 2010 12:14

      Toevallig ja! Ik was de Borries voor het eerst tegengekomen in mijn Groninger zakwoordenboek (“Grunneger buuswoordenbouk”?) toen ik mijn lijst met bijzondere Groningse woorden aan het samenstellen was.

      Wat leuk dat je er een stripverhaal van hebt gemaakt. Meer mensen zouden met de oude verhalen bezig moeten, als je het mij vraagt.

      Je schakel deed het trouwens niet; ik heb ‘m inmiddels hersteld.

      Wat het verband tussen Borries en Boris betreft: ik vermoed dat laatstgenoemde hooguit een latere factor van invloed is geweest. Maar het is zeker de moeite van het onderzoeken waard.

  3. walter gauwloos permalink
    1 juni 2011 17:06

    Er bestaat ook een woord in het dialect nl ‘BOETEMAN’ met de betekenis
    boeman.Contaminatie van boeman en boeten,boten ‘kloppen,slaan’
    Duits Butzemann kwelgeest,boeman

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s