Skip to content

Wolvenroem

29 april 2013

Wolf door Rien Poortvliet

Nog even en de wolf is na meer dan eeuw weer terug in het wild van Nederland, en dan waarschijnlijk eerst in Drenthe. Daar is onlangs vlak over de grens bij het Duitse Meppen een wilde wolf op beeld gezet. In Duitsland leven nu alweer jaren enkele roedels en ook in Nederland is volgens kenners ruimte voor meerdere roedels. Niet iedereen zal even blij zijn met het wederkeren van de wolf –hij is en blijft een roofdier en zijn verdwijning was immers naar de wens van velen– maar toen wij nog in de onmetelijke wouden van Midden-Aarde woonden was de wolf eerder geducht dan gehaat.

Het voorkomen van zijn naam in talrijke Germaanse eigennamen vanaf de vroegste bronnen getuigt van zijn ooit bijzonder hoge stand: wolf was lange tijd de meest beminde naamstam. Vandaar, voor wie hij welkom is, is hier voor handen een lijst wolf-namen, volledig met Oudnederlandse vorm (tussen haakjes) en betekenis.

Indien wolf het tweede lid is in een naam, dan is de naam vanzelf mannelijk. In vrouwelijke namen kan het dus uitsluitend als eerste lid dienen. Dat is een van de redenen dat er niet veel verschillende vrouwelijke wolf-namen zijn. De bekendsten zijn:

Wolfburg [Wulfburg] ‘wolf-burcht’ – lees: ‘wolfse bescherming’
Wolfgard
[Wulfgard] ‘wolf-gaard – lees: ‘wolfse bescherming’
Wolfhild [Wulfhild] ‘wolf-strijd’
Wolflind [Wulflind] ‘wolf-zacht’
Wolfswind [Wulfswind] ‘wolf-sterk’

Mannelijke wolf-namen zijn er in overvloed. Hier is slechts een greep:

Wolf [Wulf] ‘wolf’
Wolfbert, Wolbert [Wulfberht] ‘wolf-schitterend’
Wolfer [Wulfhere] ‘wolf-krijger’
Wolfgang [Wulfgang] ‘wolf-gang’
Wolfger
[Wulfgêr] ‘wolf-speer’
Wolfgrim [Wulfgrím] ‘wolf-helm’ – lees: ‘wolfse bescherming’
Wolfhard, Wolfert [Wulfhard] ‘wolf-hard, wolf-sterk’
Wolfmar [Wulfmár] ‘wolf-vermaard’
Wolfmond
[Wulfmund] ‘wolf-bescherming’
Wolfnand
[Wulfnand] ‘wolf-boud, wolf-stoutmoedig’
Wolfoud [Wulfhald] ‘wolf-trouw’
Wolfraad
[Wulfrád] ‘wolf-raad, wolf-wijs’
Wolfram [Wulfhramn] ‘wolf-raaf’ – lees: ‘als wolf en raaf’
Wolverik [Wulfrík] ‘wolf-machtig’

Adolf, Alof [Athalulf] ‘edele wolf’
Andolf [Andulf] ‘toorn-wolf’
Arnolf [Arnulf] ‘arend-wolf’ – lees: ‘als arend en wolf’
Bernolf [Bernulf] ‘beer-wolf’ – lees: ‘als beer en wolf’
Bertolf
[Berhtulf] ‘schitterende wolf’
Boetolf [Bótulf] ‘vergeldende wolf’
Brandolf [Brandulf] ‘zwaard-wolf’
Dagolf
[Dagulf] ‘dag-wolf’ – lees: ‘stralende wolf’
Diedolf
[Theodulf] ‘volk-wolf’
Einolf [Eginulf] ‘zwaard-wolf’
Eizolf [Egisulf] ‘schrik-wolf’ – lees: ‘geduchte wolf’
Erpolf
[Erpulf] ‘donkere wolf’ dan wel ‘glanzende wolf’
Fastolf [Fastulf] ‘standvastige, trouwe wolf’
Feinolf
[Feginulf] ‘vreugdevolle wolf’
Gamenolf
[Gamanulf] ‘spel-wolf, speelse wolf’
Gandolf [Gandulf] betekenis duister; wellicht ‘staf-wolf’
Geldolf
[Geldulf] ‘vergeldende wolf’ dan wel ‘dierbare wolf’
Gerolf, Gerlof [Gêrulf] ‘speer-wolf’
Gijzolf [Gísilulf] ‘pijl-wolf’
Gondolf
[Gundulf] ‘strijd-wolf’
Grijmolf [Grímulf] ‘helm-wolf’
Hadolf [Hathulf] ‘strijd-wolf’
Heistolf
[Heistulf] ‘razende wolf’
Hildolf
[Hildulf] ‘strijd-wolf’
Lindolf [Lindulf] ‘zachtmoedige wolf’
Luidolf
, Luif [Liudulf] ‘volk-wolf’
Markolf [Markulf] ‘mark-wolf, grens-wolf’
Meinolf [Meginulf] ‘machtige wolf’
Odolf, Olof [Ôdulf] ‘voorspoedige wolf’
Onolf [Ônulf] betekenis duister; wellicht ‘voorspoedige wolf’
Oudolf [Aldulf] ‘oude wolf, wijze wolf’
Radolf, Ralf [Rádulf] ‘raad-wolf, wijze wolf’
Reinolf [Reginulf] ‘goden-wolf’
Rijkolf [Ríkulf] ‘machtige wolf’
Roedolf, Roelof, Roelf, Rolf [Hróthulf] ‘roem-wolf, roemrijke wolf’

Moge de wolf weer schuilen in onze bossen, velden en namen!

Het zal allen opvallen dat de -w- wegvalt indien wolf als tweede lid dienst doet. Dat is omdat een w het maar moeilijk heeft tussen een medeklinker en een achterklinker (o of u). Vandaar ook dat Oudgermaanse woorden als *hwōstō, *kwō, *swōtiz niet zijn geëindigd als Nederlands woest, kwoe en zwoet, maar als hoest, koe en zoet.
Advertenties
5 reacties leave one →
  1. Bas permalink
    29 april 2013 01:06

    Leve de wolf!

  2. Robbert de Wolf permalink
    30 april 2013 17:18

    Uitstekend!

  3. 30 augustus 2013 08:47

    Bij het laatste kadertje moet ik ook denken aan de hedendaagse uitspraak van het Engelse ‘two’. Nu begrijp ik die iets beter.

    • Olivier van Renswoude permalink*
      30 augustus 2013 15:42

      Het verklaart ook waarom we in het Nederlands naast zwoel ook zoel hebben. De vorm met -w- heeft zich waarschijnlijk kunnen handhaven doordat men nog het verband met het verwante werkwoord zwelen voelde. Op eenzelfde wijze is de verleden tijd van bijvoorbeeld zwellen ook nog zwol, zwollen, gezwollen en niet zol, zollen, gezollen.

Trackbacks

  1. Fenrir | Taaldacht

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s