Skip to content

Nieuw leven voor Oudnederlands

9 december 2010

Vraag een willekeurige Nederlander wat hij weet over Oudnederlands en hij komt waarschijnlijk niet veel verder dan hebban olla vogala… En dat is mits hij “Oudnederlands” niet verstaat als “oud Nederlands”, zoals dat van de Gouden Eeuw. Dat is ook niet gek, want er is nu eenmaal weinig in het Oudnederlands overgeleverd. En tegenwoordig krijgen kinderen hoe dan ook weinig mee van de vaderlandse geschiedenis in de tijd van het Oudnederlands en daarvoor. En dat is jammer, want er valt veel over onze verdere voorouders te vertellen.

Volle klinkers
Een van de opvallendste verschillen tussen het Oudnederlands en diens opvolgers het Middelnederlands en het Nederlands is dat de eerste in veel hogere mate volle klinkers kende in onbeklemtoonde lettergrepen. Neem een woord als zon. In het Middelnederlands luidde dat sonne, maar in het Oudnederlands was het sunna. Vergelijk ook hoe maan in het Middelnederlands mane luidde en in het Oudnederlands māno. Het Nederlands is wat klanken betreft flink afgevlakt in de laatste duizend jaar. Wij zwemmen thans in de stomme e’s, terwijl het Oudnederlands bijzonder rijk was in klanken.

Het Oudnederlands had ook nog echt naamvallen en dus meer verbuigingen. Het had nog de oude Germaanse þ-klank, die het Engels en het IJslands nog wel hebben bewaard. (Zie bijvoorbeeld Nederlands ding naast Engels thing en IJslands þing.) En over het IJslands gesproken, voor wie geboeid raakt bij het aanzien en aanhoren daarvan: het Oudnederlands had daar meer van weg dan het Nederlands van nu dat heeft. Smeed een naam in het Oudnederlands en hij lijkt eerder sprookjesachtiger en geheimzinniger dan een naam in het Nederlands van nu. En zo voort.

Nieuw leven
En zo doemt bij sommige van ons vanzelf de vraag op: waarom blazen we het Oudnederlands niet nieuw leven in? Wat let ons? Waarom zouden we dat oude erfgoed laten verpieteren en verstoffen in studeerkamers en musea als we er ook mee kunnen scheppen en spelen? De middelen zijn er en gebeurlijke gaten kunnen gemakkelijk worden gevuld. Het is niet zo zeer een uitdaging als een wilsvraag.

Wat voor rol zou zo’n taal dan spelen? Wel, het zou een taal voor rituelen kunnen zijn, voor naamgeving, voor versiering of voor eenvoudiger genoegen. Het zou een kunsttaal zijn, en dan meer in de zin van ‘bedoeld voor de kunsten’ dan ‘kunstmatig’. En het zou een geweldig middel zijn in het versterken van de band met onze voorouders, in het krijgen van een levend verleden.

Werkzaamheden
Wat zou er moeten gebeuren om het Oudnederlands te doen herleven? Ten eerste dient het ogenblik nader te worden vastgesteld. Het Oudnederlands uit de vijfde eeuw is niet hetzelfde als het Oudnederlands uit de negende eeuw. Voorts moet het gestandaardiseerd worden. “Het” Oudnederlands is ook enigszins een misleidende term, aangezien het eigenlijk een verzameling onderling nauw verwante streektalen was. Er was geen standaardtaal zoals wij nu het huidige Nederlands kennen en dus ook geen voorgeschreven spelling. Maar het geluk is dat het Oudnederlands eigenlijk al met terugwerkende kracht gestandaardiseerd is, en wel door het Instituut voor Nederlandse Lexicologie (INL), dat verantwoordelijk is voor onder andere het Oudnederlands Woordenboek. Het is nog wel mogelijk die standaardisering en spelling enigszins aan te passen, naar smaak. Zo zouden wij een þ en ð kunnen gebruiken waar de overlevering (en het INL) een th heeft.

Vervolgens zouden we de overgeleverde woordenschat van het Oudnederlands (die betrekkelijk klein is) aanzienlijk moeten aanvullen. Een belangrijk uitgangspunt hiervoor zijn de woordenschatten van het Middelnederlands en het Nederlands. Woorden daaruit zijn vrij gemakkelijk te herleiden naar de vorm die ze in het Oudnederlands waarschijnlijk gehad zouden hebben. En daarnaast zijn er uiteraard nog de eigentijdse zustertalen, zoals het Oudfries, het Oudsaksisch, het Oudhoogduits, het Oudengels en het Oudnoords. Zelfs het Gotisch is belangwekkend.

Overigens zouden we maar beter een andere naam kunnen bedenken voor deze taal, om verwarring met het academisch onderzochte en historische Oudnederlands te voorkomen. Een voorstel is Franks, omdat het met name de taal was van de oude Franken. Vergelijk hoe het Oudengels ook wel het Angelsaksisch heet, naar de Angelen en Saksen (en Juten, Friezen en Franken) die het destijds spraken. Trouwens, met het Oudengels is men min of meer al bezig met wat hier voor het Oudnederlands wordt voorgesteld. Zo zijn er zelfs hele Wikipedia-artikelen beschikbaar in het Ænglisc.

Voorbeeld
Hieronder is gekozen voor een vroege vorm van het Oudnederlands. Als zodanig is het bijna niet te onderscheiden van het Oudsaksisch. Het Oudsaksisch is de voornaamste voorganger van de Nedersaksische dialecten, zoals het Twents. Zo betrekken wij een groter erfgoed en slaan wij twee vliegen in één klap. Daar komt bij dat er van het Oudsaksisch veel is overgeleverd. Wellicht dat we deze kunsttaal dan ook beter Frankosaksisch dan Franks kunnen noemen, al kleven daar ook bezwaren aan.aska ‘as’
bróðer ‘broer’
drádan ‘vrezen, bang zijn voor’
erða ‘aarde’
fêkan ‘bedrog’
gôma ‘maaltijd, onthaal’
hring ‘ring’
io ‘altijd’
jámar ‘verdriet’
kweðan ‘zeggen’
lêþ ‘onaangenaam, hatelijk’
mikil ‘groot’
niotan ‘bezitten’
ôra ‘oor’
rím ‘getal, rij’
saga ‘verhaal’
tala ‘spraak’
þenkjan ‘denken’
unker ‘slang’
widu ‘woud, bos’

Let op: er is inmiddels een uitleg over de schrijfwijze en uitspraak van het (vroege) Oudnederlands beschikbaar.

Advertenties
4 reacties leave one →
  1. Cornelis van Eykelen permalink
    9 december 2010 12:25

    Vraag: wat is de uitspraak van de u’s in deze voorbeelden? Gewoon zoals in hut en huur, of zijn het oe’s?

    • Olivier van Renswoude permalink*
      9 december 2010 18:52

      In de regel zijn u en ú een korte en een lange /oe/.

      Echter, wanneer er oorspronkelijk (d.w.z. in het Oudgermaans) een /i/ of /j/ volgde in een ombeklemtoonde lettergreep, dan werd die eerste klank beïnvloed. Met unker (< Oudgermaans *unkwiz-) heb ik een beetje een problematisch voorbeeld gegeven, want daarbij is het niet zeker of de /w/ nog lang genoeg heeft bestaan om de invloed van de /i/ te blokkeren. Maar voor het gemak houd ik het daar op /oenker/.

      Inmiddels heb ik een bladzijde aangemaakt met daarin uitleg over de schrijfwijze en uitspraak van het (vroege) Oudnederlands die hier wordt gebezigd.

  2. Adrianus permalink
    6 januari 2013 14:48

    Misschien een idee om een cursus Nederlands te maken/organiseren?

  3. 16 mei 2017 15:53

    Het Oudnederlands nieuw leven inblazen.

    Zou het een idee zijn om het Oudnederlands weer in gebruik te nemen, zoals het Oudengels weer gebruikt wordt in bijv. https://ang.wikipedia.org/wiki/H%C4%93afodtramet? Voor de grammatica van het Oudnederlands met o.a. het naamvalssysteem, zie https://en.wikipedia.org/wiki/Old_Dutch#Grammar Helaas wordt daar niet hetOudnederlandse werkwoordssysteem behandeld, men zou daar eventueel het werkwoordssysteem van het Oudhoogduits kunnen nemen met wat aanpassingen, zie https://de.wikipedia.org/wiki/Althochdeutsch#Verben

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s