Een eigen spraak

Mensen hebben altijd in meerdere of mindere mate woorden uit andere talen overgenomen. We zijn een beetje als spreeuwen, die er goed in zijn andere vogels na te doen. Maar spreeuwen bewaren ondertussen wel gewoon hun eigen spraak, terwijl de onzen steeds meer op elkaar beginnen te lijken. Weliswaar groeit het verzet tegen het Engels, maar hoe zit het met al dat Grieks, Latijn en Frans in onze taal? Wat hebben we eraan poster te weren omwille van affiche? Hoezo hebben we voor veel zaken geen woord uit eigen borst? Daarom worden op Taaldacht voortaan gangbare, veelal onbetwiste leenwoorden verzameld en voorzien van bestaande of voorgestelde tegenhangers.

Om deze lijst binnen de perken te houden ontbreken vooralsnog leenwoorden voor vluchtige zaken of leenwoorden die reeds in de woordenboeken met inheemse tegenhangers beschreven worden. Voor bijvoorbeeld enorm ligt reusachtig voor de hand. Voor een geval als interessant zal wellicht niet iedereen uit het hoofd een tegenhanger weten, maar wie het opzoekt in de Van Dale of elders zal belangwekkend te zien krijgen. Hoe ‘vertalen’ we echter zoiets als adres, computer, parlement, reïncarnatie en strategie? (Met woonmerk, taluw, landdag, herlijving en krijgskunde.)

Voor veel van die lastige leenwoorden bestaan nochtans tegenhangers of zijn die in de loop der jaren bedacht, onder meer door de mensen van de Bond tegen Leenwoorden en de woordkundige Guus Kroonen op zijn inmiddels verdwenen webstede. Vaak zijn hiervoor oude woorden opgediept en nieuw leven ingeblazen of is voorbeeld genomen aan andere talen. Het schitterende taluw voor computer is door Kroonen bedacht naar IJslands tölva en van dezelfde wortel als getal, tellen en taal.

Het IJslands is bekend om het weren en vervangen van leenwoorden en is er niet armer op geworden, maar ook het Nederlands heeft zich in voorgaande eeuwen met deze denkwijze onderscheiden en verrijkt. Daarom beschikken we nu over schone, weergaloze woorden als dampkring, straaljager en wiskunde. Lenen is gemakkelijk. Scheppen voegt toe.

Uiteraard zijn niet alle reeds gedane voorstellen even levensvatbaar, dus het blijft in veel gevallen zoeken naar oplossingen. Niettemin, het ligt ook aan wilskracht. Als honderd mensen op Twitter, Facebook, Instagram of YouTube besluiten taluw te verspreiden zal het woord algauw in het wijdere bewustzijn terechtkomen en vandaar mogelijk op zijn minst aanvaard worden als synoniem of alternatief evenwoord of anderling.

Bij het behandelen van leenwoorden is het in elk geval belangrijk om rekening te houden met gebeurlijke bijbehorende woorden. Zo is een tegenhanger van kolonie wellicht niet zo moeilijk te bedenken, maar er moet ook gelijk iets aanvaardbaars komen voor koloniaal, koloniseren, kolonisatie en kolonist, anders is er weinig opgeschoten. Een bestaande tegenhanger als volksplanting is dus niet zo aantrekkelijk – ook omdat plant zelf een leenwoord is. Wie niet weet of een woord aan een andere taal is ontleend kan het opzoeken in de onmisbare etymologiebank van Nicoline van der Sijs.

Voor het maken van woorden zijn we overigens niet beperkt tot samenstellingen en afleidingen met de bekendste voor- en achtervoegsels. Voor een tegenhanger van bijvoorbeeld planeet is te denken aan bolm als afleiding van de wortel van bol en bal met het oude achtervoegsel m, zoals bloem van de wortel van bloeien. We kunnen zelfs spelen met klinkerwisseling, zoals reeds veel woorden in onze taal zich tot elkaar verhouden, al vergt dat enige kennis van de onderhavige wortel.

Wie wil bijdragen aan de lijst is van harte welkom om dat middels opmerkingen hieronder te doen.

Beeld
Spreeuwen door Sue Cro. Enige rechten voorbehouden.

23 gedachtes over “Een eigen spraak

  1. Ik maak u opmerkzaam op het bestaan van Stichting Taalverdediging met een nieuwsbrief en een webstek, die al vele jaren strijd tegen de verengelsing van de Nederlandse taal en cultuur.

    1. Juist. Er zijn nog aardig wat lastige leenwoorden die een degelijke tegenhanger ontberen. Zodra die klus geklaard is kunnen dergelijke ondersteuningen ontwikkeld worden. Ik denk daarbij ook aan apps voor snelle opzocht.

  2. schitterende voordaad (voortouw).Jammer dat de webstek van btl reeds jaren niet meer is aangevuld.Het is een schatkamer voor onze taal.

    communiceren : wederrichten (zoals U zelf ooit hebt voorgesteld).
    mobilhome : reishuis
    Ik zoek nog een goed Nederlands woord voor ‘compromitteren’ (in opspraak bengen) ‘veropspraken???’
    Dat is het voorlopig.
    Walter

    1. Mij lijken in opspraak brengen en verdacht maken reeds goede anderlingen voor compromitteren. Ze zijn minder beknopt, maar dat is in dit geval geen bezwaar.

  3. Voor ‘planeet’ hadden we natuurlijk al ‘kloot’, en in één specifiek geval ‘aardkloot’. Voor de rest ben ik een groot bewonderaard van de kennis die via Taaldacht tot mij komt, maar ben ik van mening dat ook lenen een scheppende daad is. En ik zie niet in waarom het nabauwen van de IJslanders creatiever zou zijn dan onze eigen gang gaan. Uiteindelijk levert lenen nieuwe woorden op. Over 100 of 200 jaar is het Nederlandse ‘computer’ iets anders dan het Engelse ‘computer’ en ook dan het Friese ‘kompjûter’.

    1. Het woord kloot ken ik als ‘bol, bal’ (vgl. aardbol) maar niet als ‘planeet’ in het bijzonder. Ik denk ook niet dat men zo gauw zal spreken over de kloten van ons zonnestelsel, bijvoorbeeld.

      Binnen een eeuw of twee kunnen Engels computer en Nederlands computer inderdaad nog iets meer verschillen in uitspraak, maar ze zullen nog wel duidelijk hetzelfde woord zijn. En ik denk dat die aanhoudende, ruime aanvaarding van vreemde woorden in deze kleiner wordende wereld de kans op uiteindelijke volledige overschakeling naar het Engels aanzienlijk vergroot.

      Wat het IJslandse voorbeeld aangaat: onder nabauwing versta ik eerder ontlening. Hoewel taluw is ‘afgekeken’, heeft het gelijk zijn eigen hoedanigheid en verbanden in onze taal, als ware het een oude evenknie, met een gemeenschappelijke voorloper. Niettemin sta ik open voor andere tegenhangers van computer.

      1. Ik beken, zonder af te doen aan de boodschap van dit stuk, dat ik ook wel strijk lag met die kloten van ons zonnestelsel!

        Leve Olivier Tamerling!

      2. Heu? Wanneer men tegenwoordig zegt dat alles ‘in de kloot’ zit, verwijst men dan toch niet naar alles wat al in de lucht drijft, inclusief hemellichamen? 😉

      3. Leve Olivier Tamerling en de kloten van het zonnestelsel 😝

        Groetjes,

        Nandhilde

  4. Ik vind het erg “belangwekkend” wat er op deze “webstede” gebeurt en ondersteun ook de bedoeling ervan. Maar ik denk toch echt dat het lastigste gedeelte de aanvaarding van deze woorden is. Als ik tegen mijn gezin begin over een “taluw” dan lachen ze mij keihard uit!

    Daarbij denk ik dat men over het hoofd ziet dat het oergermaans waarschijnlijk ook geen “reine” taal is. En dat we dat eerder zo zien omdat we eigenlijk niet zo gek veel weten over hoe het oergermaans tot stand is gekomen.

    En dus toch begrijp ik wel het gevoel en de bedoeling die achter deze onderneming zit.

    1. Het Germaans (of eigenlijk zijn onmiddellijke voorloper) bevatte zelf ook leenwoorden, dat is waar, maar die geschiedenis schrijft ons nu geen houding voor. En deze onderneming gaat niet zozeer om reinheid als wel het bewaren van de innerlijke kracht en samenhang van onze taal. Ook wereldwijde verscheidenheid is ermee gemoeid.

      Gebruik en aanvaarding van deze woorden is inderdaad lastig. Bij mijn eigen pogingen buiten deze webstede is vaak ook lacherig gedaan. Het blijft een drempel. Maar ik denk dat deze veel lager is in geschreven taal, in het bijzonder het web. Als de belangstelling en houding daar aanslaan zal het één en ander vanzelf doorsijpelen –en vervolgens doorbreken– naar gesproken taal.

  5. Ik heb het Afrikaans altijd gekoesterd, omdat het zovele leuke, schilderachtige woorden heeft.
    Zo heb ik het bijv.over ‘een hijsbak of een klimkorf voor een lift.
    Een pauze heet daar ‘afknijptijdje’
    Een call-girl noemt men ‘een foonsnol’
    Een toast is ‘een brandbroodje’
    Een tent is ‘een wapperhuis’
    Een robot is ‘een blikman’ enz…………
    Het kan ook zijn dat de laatste woorden door Nederlanders zelf zijn uitgevonden.
    Op de webstede, die helaas is verdwenen, van Guus Croonen , ontdekte ik woordjes zoals :
    ‘een geutel-afgeleid van gieten’ voor stortbad (woorden op -el duiden soms een werktuig aan).
    ”een stegel-afgeleid van stijgen’ voor een wentelwiek
    ”een sleupel-afgeleid van sluipen voor een sneaker enz……
    Oude woorden die ik graag terugzie zijn bijv. ‘een kweern’ voor een molen (kweernen betekent malen.
    ‘een wonnegevoel’ voor euforie (wonne is een zeer oud woord)
    Ooit heb ik een paar woordjes aangereikt gekregen : ‘het gehuws’ voor generatie en ‘de zangleek’ voor opera (leek heeft hier de betekenis van dansen). Vind ik een tikkeltje beter dan zangspel.
    Voor compenseren vind ik ‘oorzaten’ een prachtig oud-woord.Compensatie is dan ‘oorzaat’.
    Ik denk dat Guus Croonen ook ooit voor computer, naast ‘taluw’ eveneens ‘rekentuig’ heeft voorgesteld zoals ‘vliegtuig,zweeftuig’.
    Tenslotte zoek ik nog naar een goede term voor ‘conditioneren’.Be-of vervoorwaarden ?
    Dank voor het lezen van deze laas.
    Walter

  6. Met mijn voorspelling van een verschil tussen bijv. ‘computer’ en ‘kompjûter’ bedoel ik niet de uitspraak, maar de betekenis in brede zin en de plek van een woord in het geheel van lexicon en idioom, maar ook morfologie en semantiek. Je kunt nu al niet het woord ‘computer’ in het Nederlands bij vertaling naar het Engels één of één vervangen door ‘computer’. Dat een woord ontleend is aan een andere taal, wil niet zeggen dat we een stukje eigen taal inleveren en vervangen door een andere taal. Een taalsysteem wordt niet meer of minder eigen door het overnemen van elementen van andere systemen. In de tweede plaats: elk taalsysteem heeft zijn eigen manier van omgaan met ontleningen etc. uit andere talen. Als het IJslands principieel voor elk nieuw begrip of leenwoord een eigen woord maakt, prima. Zo werkt het IJslands, en daar gaan de sprekers van het IJslands over, c.q. degenen aan wie zij dit hebben gedelegeerd. Als wij het vanaf morgen exact gelijk doen, nemen wij een veel wezenlijker element van het IJslands over dan alleen een woord, namelijk een deel van hoe IJslanders omgaan met leenwoorden. Stel dat we dat zouden doen, dan zou het Nederlands over 1000 jaar een soort calque van het IJslands zijn geworden: met voor ieder IJslands woord exact één Nederlands equivalent, waarbij de woordenschat op de IJslandse manier wordt gegenereerd. Dergelijke ontwikkelingen zijn veel gevaarlijker voor de eigenheid van een taal dan een woordje hier of een uitdrukking daar. Sterker nog, het pikken van een woordje hier en een uitdrukking daar is deel van de ‘diepere’ regels van ons taalsysteem en onze taalfilosofie. Overgaan op het IJslandse systeem is pas echt een interferentie die afbreuk doet aan onze taal.

    1. Het is niet zomaar een woord hier en een uitdrukking daar die wij overnemen. Onze woordenschat staat er inmiddels bol van, en duidelijk ook. Tot op wisse hoogte is het nog steeds mogelijk om te spreken en schrijven zonder al te veel leenwoorden, zoals ik pleeg te doen te dezer stede, maar in mijn ervaring zijn de meeste mensen tegenwoordig onverschillig, zo niet achteloos. Daarbij worden vaak ook degelijke bestaande woorden ingeruild voor wereldspraak.

      Hoe anders was het vroeger in de Lage Landen, toen invloedrijke schrijvers en geleerden als Stevin, Hooft, Van den Vondel en vele anderen zich inzetten voor eigen schepping. Met welslagen overigens, want wij hebben een groot aantal woorden aan hun te danken. Deze houding is dan ook beslist niet een eigenzinnig IJslandse, maar een die wereldwijd voorkomt.

      Overigens dienen afzonderlijke IJslandse woorden hier zelden als voorbeeld. In de inmiddels aanzienlijke lijst zijn het er slechts vier: hólkur ‘cilinder’, landnám ‘kolonisatie’, tölustafur ‘cijfer’ en tölva ‘computer’. De eerste drie hadden ook zonder kennis van het IJslands gemakkelijk bedacht kunnen zijn, gezien bijvoorbeeld verouderd Nederlands holk ‘holte, holle ruimte’, en voor ‘kolonisatie’ zoek ik eigenlijk nog een beter woord. Alleen tölva blijft over, maar taluw is allerbetamelijkst. Hoewel in sommige andere gevallen ook naar het IJslands wordt verwezen, gaat het daarbij om de voortzetting van een ooit gemeenschappelijk Germaans woord.

      Ten slotte, getuige het voorgaande ben ik niet tegen de invloed van andere talen. Het Nederlands zal nooit in afzondering bestaan. Leenvertalingen, verheemduidingen enz. zijn allemaal geen bezwaar. Maar het staat voor mij buiten kijf: als onze taal geen innerlijke kracht hervindt en zo sterk op ontlening gericht blijft gaat er wel degelijk wat verloren.

  7. Ik vermoed dat de levensvatbaarheid van een ‘bodemeigen’ alternatief woord omgekeerd evenredig is met het aantal karakters van dat woord. Als dat effectief zo is, belooft het een moeilijke, ongelijke strijd te worden tegen het Engels, gegeven dat die taal bij uitstek gekend is voor haar bondigheid, zowel op woord- als zinsniveau.

    1. Dat denk ik ook. In het geval van niet-Engelse leenwoorden blijken de mogelijke tegenhangers vaak verrassend beknopt (bijv. vrijzin i.t.t. liberalisme), maar het Engels is echt een uitdaging. Gelukkig prikkelen uitdagingen het denkvermogen, dus ik heb goede moed.

  8. dag Olivier,
    Ooit heb je een lijst uitgebracht van werkwoorden op -eren.Durfwoorden zou ik zeggen die de vreemde woorden haarfijn vertaalden.Nu zie ik echter tot mijn verbazing dat in jouw nieuwe lijst veel van deze woorden gans anders zijn vertaald.Voorbeelden uit de oude lijst : Baseren :gronden,stoelen, schragen of Concentreren :toedenken,vermiddelen enz…..
    Zijn de woorden uit de oude lijst dan niet meer geldig ?
    Gewoon maar een vraagske.
    Walter

    1. Bij sommige van die woorden ben ik inderdaad van gedachten veranderd. In andere gevallen moet ik nog woorden overzetten van die oude lijst naar de nieuwe. Je eerdere berichten hierboven neem ik daarbij ook in overweging, dank je. Hoe dan ook is het vooralsnog aftasten. Er kan altijd wat beters om de hoek komen.

  9. En laten wij de oude Protogermaanse -jan achtervoegsel dat gebruikt werd bij causatieven en afleidingen van zelfstandige naamwoorden ook maar weer van stal halen, maar dan in een verzwakte vorm. Computeren wordt dan taluwjen, appen wordt appjen, swipen wordt swipejen, internetten wordt internetjen, bloggen wordt bloggjen, werkwoorden op -eren worden -eerjen, zoals presenteerjen, marcheerjen, enz.

    Hoe vormde je trouwens in het Protogermaans een werkwoord dat werd afgeleid van een bijvoeglijk naamwoord?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.