De tijd die ons toebedeeld is

In Ridley Scotts rijkelijk geschapen meesterwerk Blade Runner (1982) is de jacht geopend op een groep replicants—kunstmatige mensen bedoeld voor arbeid—die na een buitenwereldse opstand naar Aarde is gekomen. Leider Roy Batty, onvergetelijk gespeeld door Rutger Hauer, zoekt hun maker en wil van hem een langer leven, meer dan de enkele jaren die hun ontwerp toelaat. Het is een toekomstverhaal, maar het rijmt met de tijd dat men geloofde in een hogere macht die de lengte van ons leven bescheert, zij die God of het lot. Lees verder “De tijd die ons toebedeeld is”

Het damhert is een das

Ree en edelhert leven sinds mensenheugenis in de Lage Landen, maar het damhert kennen wij dankzij de Romeinen, die dit vaak gevlekte dier damma noemden en overal meebrachten. Niettemin bestond er ook geruime tijd een opmerkelijk Nederlands woord voor: das. Is dit hetzelfde als het woord voor die kleine bolle burchteling met zijn zwart-witte kop of is het van heel andere herkomst? Lees verder “Het damhert is een das”

Goede, vrije lessen in oude Indo-Europese talen

Zet uzelf neer met de warme drank van uw keuze zodra u de tijd heeft, want deze maand heeft de geachte Georg-August-Universität te Göttingen (sinds 1734) het zeer gemakkelijk gemaakt voor ieder die verdieping zoekt in de oude Indo-Europese talen, verwanten van ons eigen Nederlands. In reeksen van gedegen lessen op beeld—te volgen op een toegewijde webstede—geven verschillende deskundigen een inleiding tot onder meer de volgende spraken: Lees verder “Goede, vrije lessen in oude Indo-Europese talen”

Een gewijde taal

In de wereld die ik voor ogen heb is het land rijk aan wilde paden, dichte hagen en bossen van omvang. Overal zijn heilige oorden met ambachtelijk getimmerde gebouwen waar elke dag bezoekers de goede geesten groeten en voorouders herdenken, en waar toegewijden in alle rust de tauw bezinnen. Hoor, daar bij een beek zingt iemand zachtjes wat woorden in de gewijde taal. Het is een oudere spraak die voor plecht en bede hernomen is. Lees verder “Een gewijde taal”

Zwart als een ulk

De herfst vordert en de nachten groeien almaar langer. Er is geen betere tijd om te spreken over wat immer daar is, wachtend: de griezels in het donker. Velen van ons kennen de nachtmare, de onnoemelijk kwaadaardige schaduw die des nachts het bed nadert wanneer wij hulpeloos verlamd zijn. Maar er zijn andere aanwezigheden—onder vele namen—die ons willen grijpen vanuit de duisternis. Een zo een is de ulk, zoals die heet in Saksische streken. Lees verder “Zwart als een ulk”

Nadänken over spelling

Terwijl Engelse spelling een dampende puinhoop is, met herhaalde roep om ingrijpende hervorming, kunnen wij achterover leunen en lachen. We twisten over kleine dingen, zoals de noodzaak van een tussen-n, maar al met al is onze schrijfwijze redelijk eenduidig en klankgetrouw. En toch, voor het Nederlands zou ik alleen al voor het oog eens wat flinke wijzigingen willen voorstellen, te beginnen met de mijding van aa, ee, oo en uu. Lees verder “Nadänken over spelling”

Op zoek naar Ister, vader van Germanen

De geschiedenis is rijk aan verhalen over de oorsprong van goden, vorsten en volkeren. In Japan heet het keizerlijke huis af te stammen van Amaterasu, de zonnegodin die zelf uit het oog van de schepper Izanagi gekomen is. Volgens de IJslandse overlevering zijn de eerste twee mensen, Askr en Embla, gemaakt van stukken hout die de goden op het strand vonden. En bij ons klonk ooit het loflied van een oerwezen en zijn zoon en kleinzonen, vanwaar de drie Germaanse volkeren in Middelgaard hun naam hadden. Lees verder “Op zoek naar Ister, vader van Germanen”

De heilgodin

Uit de tijd dat Rome het Rijnland bezette met het oog op de rest van Germanië zijn ons vele namen van daar inheemse godheden overgeleverd. De meeste vindt men op de zogenaamde wijstenen waarmee men eer bewees of blijk gaf een gelofte aan zulke wezens te hebben vervuld. Vaak komt zo’n naam weinig voor en is het gissen naar de betekenis. In het geval van Alateivia, bekend van een enkele wijsteen, kunnen we echter met enig vertrouwen zeggen: dit ware een godin die voor lijfelijk heil werd ingeroepen. Lees verder “De heilgodin”

IJzer uit de grond

In de zesde eeuw voor Chr. is de Noordse IJzertijd begonnen: van Nederland tot in Zweden gaan de Germanen eindelijk hun eigen ijzer winnen. Niet uit groeven in de bergen zoals de Kelten in het zuiden, maar uit de bodem langs beken en vlieten op de juiste plekken. Daar schuilen kluiten van ijzer, zand en klei die men met het nodige wassen en verhitten terugbrengt tot ruwijzer. Wij kennen deze kluiten en de grond waar ze in gevonden worden als oer. Dat zij de ongeziene evenknie van een Latijns woord voor een andere, dure stof. Lees verder “IJzer uit de grond”

Barnkracht

Wrijf barnsteen met wat vacht en het toont zowaar een aantrekkingskracht. Reeds zesentwintig eeuwen geleden had ’s werelds eerste wetenschapper, de Griek Thalēs van Mīlētos, zich gebogen over deze wonderlijke eigenschap van ēlektron ‘barnsteen’. Het onderliggende verschijnsel werd lang onderzocht en kreeg omtrent 1600 de Latijnse naam vīs ēlectrica ‘barnsteenkracht’ van de Engelse geleerde William Gilbert. Het is vandaar dat wij elektrisch en elektriciteit gebruiken, maar het had ook anders kunnen lopen. Lees verder “Barnkracht”

Vergaard, verborgen, bewaakt

Zo groot als onze woordenschat is, er ontbreken intussen heel wat kleinoden die er ooit lang deel van waren. Ook uitgerekend een woord voor ‘schat’ is al enige tijd verdwenen, alsof het ongezien een donkere hoek is ingerold of recht onder onze neus vandaan is geroofd door een of andere vranke smiecht. Waar is hoord gebleven? En waar hadden we het ook alweer vandaan? Lees verder “Vergaard, verborgen, bewaakt”