Hete vuren te Uden in de vroege ijzertijd
Eind 1922 weet de schilder en geneesheer Hendrik “de Wieger” Wiegersma een duizenden jaren oud grafveld bij Uden in Noord-Brabant van de vernietiging te redden: hij koopt het onderhavige heideland en laat het onderzoek beginnen in het volgende jaar. Sindsdien zijn daar heel wat urnen en bijgiften uit de vroege ijzertijd opgegraven. Uden, als een naam van hoge ouderdom, zou er wel eens een verwijzing naar kunnen zijn. Lees verder “Hete vuren te Uden in de vroege ijzertijd”
Brabant en andere banten
Geleerden hebben zich lang verwonderd over het bestaan van Brabant. De naam dan. Het is duidelijk een verbastering van wat in volle vorm Braakbant zou luiden, kennelijk met braak in de zin van ‘onbebouwd, onbeploegd’ en daarmee een herinnering aan een tijd van leegloop toen het Romeinse Rijk aftakelde. Maar bant is niet helemaal duidelijk, behalve dat het in en om de Lage Landen naar een streek of gebied van een wisse aard kon verwijzen. Lees verder “Brabant en andere banten”
Oorsprong van de Japans-Germaanse talen
Ver naar het oosten nabij het Baikalmeer in Siberië, voorbij de mist van wel honderd eeuwen, spraken jagers en verzamelaars een taal waaraan de meeste talen in Eurazië ontsprongen zijn, van de Germaanse aan de ene zijde tot het Japans aan de andere. Aan woordenschat is het minder te herkennen dan aan de uitgangen eer die afsleten. Zo betoogt een minderheid van geleerden, waaronder de Nederlandse taalkundige Frederik Kortlandt. Lees verder “Oorsprong van de Japans-Germaanse talen”
Een wakkere waterling
2021 is het Jaar van de Otter volgens de Nederlandse Zoogdiervereniging. Het gaat goed met deze dolende waterbunzingen sinds hun herintrede na een jammerlijk uitsterven in 1988. Betrekkelijk goed althans, want met minder dan vijfhonderd zielen hebben ze nog een lange weg te gaan in en om deze meren en stromen. Maar ze horen hier thuis en dragen een van de oudste diernamen die onze taal bezit. Lees verder “Een wakkere waterling”
De wakel wintergroen op woeste grond
Hoewel het gebruik van de kerstboom zoals wij het kennen slechts twee eeuwen geleden lijkt te zijn verbreid vanuit Duitsland, waar het ook niet al te oud ware, moet de zinnekracht van de groenblijvende boom of struik al heel lang gevoeld zijn overal waar echte jaargetijden wisselen. In de Lage Landen komen oorspronkelijk slechts enkele van zulke soorten voor, waaronder niet de spar, nu de wijnachtsboom bij uitstek, maar wel de jeneverbes. Of om met een inheems woord te spreken: de wakel. Lees verder “De wakel wintergroen op woeste grond”
De tijd die ons toebedeeld is
In Ridley Scotts rijkelijk geschapen meesterwerk Blade Runner (1982) is de jacht geopend op een groep replicants—kunstmatige mensen bedoeld voor arbeid—die na een buitenwereldse opstand naar Aarde is gekomen. Leider Roy Batty, onvergetelijk gespeeld door Rutger Hauer, zoekt hun maker en wil van hem een langer leven, meer dan de enkele jaren die hun ontwerp toelaat. Het is een toekomstverhaal, maar het rijmt met de tijd dat men geloofde in een hogere macht die de lengte van ons leven bescheert, zij die God of het lot. Lees verder “De tijd die ons toebedeeld is”
Het damhert is een das
Ree en edelhert leven sinds mensenheugenis in de Lage Landen, maar het damhert kennen wij dankzij de Romeinen, die dit vaak gevlekte dier damma noemden en overal meebrachten. Niettemin bestond er ook geruime tijd een opmerkelijk Nederlands woord voor: das. Is dit hetzelfde als het woord voor die kleine bolle burchteling met zijn zwart-witte kop of is het van heel andere herkomst? Lees verder “Het damhert is een das”
Goede, vrije lessen in oude Indo-Europese talen
Zet uzelf neer met de warme drank van uw keuze zodra u de tijd heeft, want deze maand heeft de geachte Georg-August-Universität te Göttingen (sinds 1734) het zeer gemakkelijk gemaakt voor ieder die verdieping zoekt in de oude Indo-Europese talen, verwanten van ons eigen Nederlands. In reeksen van gedegen lessen op beeld—te volgen op een toegewijde webstede—geven verschillende deskundigen een inleiding tot onder meer de volgende spraken: Lees verder “Goede, vrije lessen in oude Indo-Europese talen”
Een gewijde taal
In de wereld die ik voor ogen heb is het land rijk aan wilde paden, dichte hagen en bossen van omvang. Overal zijn heilige oorden met ambachtelijk getimmerde gebouwen waar elke dag bezoekers de goede geesten groeten en voorouders herdenken, en waar toegewijden in alle rust de tauw bezinnen. Hoor, daar bij een beek zingt iemand zachtjes wat woorden in de gewijde taal. Het is een oudere spraak die voor plecht en bede hernomen is. Lees verder “Een gewijde taal”
Zwart als een ulk
De herfst vordert en de nachten groeien almaar langer. Er is geen betere tijd om te spreken over wat immer daar is, wachtend: de griezels in het donker. Velen van ons kennen de nachtmare, de onnoemelijk kwaadaardige schaduw die des nachts het bed nadert wanneer wij hulpeloos verlamd zijn. Maar er zijn andere aanwezigheden—onder vele namen—die ons willen grijpen vanuit de duisternis. Een zo een is de ulk, zoals die heet in Saksische streken. Lees verder “Zwart als een ulk”
Nadänken over spelling
Terwijl Engelse spelling een dampende puinhoop is, met herhaalde roep om ingrijpende hervorming, kunnen wij achterover leunen en lachen. We twisten over kleine dingen, zoals de noodzaak van een tussen-n, maar al met al is onze schrijfwijze redelijk eenduidig en klankgetrouw. En toch, voor het Nederlands zou ik alleen al voor het oog eens wat flinke wijzigingen willen voorstellen, te beginnen met de mijding van aa, ee, oo en uu. Lees verder “Nadänken over spelling”