Zinzate

In een ander, minder druk Nederland waar het wild kan gedijen loop ik over oude holle paden van wij naar wij, de heilige oorden die vaak in bossen te vinden zijn. Vele zijn tevens hoven waar toegewijden in en om de houten zalen dagelijks hun geest en lijf oefenen, de tauw indachtig. Het leven is er eenvoudig en een van hun wijzen van bezinning is de meditatie, of zinzate zoals het daar heet, vaak met uitzicht op welvertakte bomen. Ik ga zitten en neem deel. Lees verder “Zinzate”

Heilige ruimte

Het is een vlucht uit de alledaagse wereld, wanneer ik weer eens door de bossen van Drenthe wandel en geniet van de beelden, geuren en geluiden—de rust—te midden van de bomen en vogels. Het is alsof ik weer opgeladen word na een tijd van geestelijke leegte. En toch heb ik dan alsnog ergens het gevoel dat er iets ontbreekt of dat ik niet helemaal heb gevonden wat ik zoek. Het is pas de laatste jaren, ten dele door mijn verdieping in een land aan de andere kant van de wereld, dat ik besef wat het is dat ik mis: heilige ruimte. Lees verder “Heilige ruimte”

Bráhman en de Arische dichters

Het eeuwige, onveranderlijke, onvoorwaardelijke en immer in alles aanwezige beginsel van het bestaan—het zuivere bewustzijn als diepste en hoogste werkelijkheid—wordt in India al drieduizend jaar begrepen onder de naam Bráhman. In de oudste bronnen sloeg het woord echter op een zekere bezigheid van dichters, en over de eigenlijke betekenis zijn de meningen dan ook verdeeld, maar er lijkt in elk geval verband met het een en ander in de Germaanse talen, verre verwanten van het Oudindisch. Lees verder “Bráhman en de Arische dichters”

Het eeuwige verlangen

“Ik geloof alleen in wat ik zie.”

Geloof is een belangrijk en veelgebezigd woord in het Nederlands. Zo zegt Van Dale dat geloof is: ‘vertrouwen in de waarheid van iets/op God’ en over geloven staat: ‘vast vertrouwen in het bestaan van iets, voor waar houden op gezag van een ander, menen, denken’. (Let op het element van twijfel en onzekerheid). Het hangt vast op het menen, weten dat iets bestaat, denken dat iets is.

Geloven is echter van dezelfde als wortel lief en hangt samen met woorden als loven, belofte, maar niet bruiloft, hoewel dat natuurlijk op klank en betekenis geen probleem is; bruid-gelofte. Zo komen we dus op het al eerder genoemde lief(de), hetgeen een verlangen uitdrukt. Vergelijk dat met verwanten buiten het Germaans: Sanskriet lubhayati ‘hij verlangt’  en Latijn lubet ‘het is hem aangenaam’. Geloven is dus voorzeker geen ‘onzeker aannemen op grond van het gezag van de priester of sjamaan’, maar een ‘verlangen naar iets of iemand (dat/die aangenaam is)’.

Lees verder “Het eeuwige verlangen”