IJzer uit de grond

In de zesde eeuw voor Chr. is de Noordse IJzertijd begonnen: van Nederland tot in Zweden gaan de Germanen eindelijk hun eigen ijzer winnen. Niet uit groeven in de bergen zoals de Kelten in het zuiden, maar uit de bodem langs beken en vlieten op de juiste plekken. Daar schuilen kluiten van ijzer, zand en klei die men met het nodige wassen en verhitten terugbrengt tot ruwijzer. Wij kennen deze kluiten en de grond waar ze in gevonden worden als oer. Dat zij de ongeziene evenknie van een Latijns woord voor een andere, dure stof. Lees verder “IJzer uit de grond”

Barnkracht

Wrijf barnsteen met wat vacht en het toont zowaar een aantrekkingskracht. Reeds zesentwintig eeuwen geleden had ’s werelds eerste wetenschapper, de Griek Thalēs van Mīlētos, zich gebogen over deze wonderlijke eigenschap van ēlektron ‘barnsteen’. Het onderliggende verschijnsel werd lang onderzocht en kreeg omtrent 1600 de Latijnse naam vīs ēlectrica ‘barnsteenkracht’ van de Engelse geleerde William Gilbert. Het is vandaar dat wij elektrisch en elektriciteit gebruiken, maar het had ook anders kunnen lopen. Lees verder “Barnkracht”

Vergaard, verborgen, bewaakt

Zo groot als onze woordenschat is, er ontbreken intussen heel wat kleinoden die er ooit lang deel van waren. Ook uitgerekend een woord voor ‘schat’ is al enige tijd verdwenen, alsof het ongezien een donkere hoek is ingerold of recht onder onze neus vandaan is geroofd door een of andere vranke smiecht. Waar is hoord gebleven? En waar hadden we het ook alweer vandaan? Lees verder “Vergaard, verborgen, bewaakt”

De namen van de bunzing

Hoewel hij niet minder sluw dan een vos is heeft de arme bunzing vooral de naam te stinken. En te stelen, want hij is de schrik van het hoenderhok zoals hij eieren kaapt en kippen de kop afbijt. Men priset an dit dier niet el dan allene sijn vel (‘men prijst dit dier enkel om zijn vel’), schreef de bekende geleerde dichter Jacob van Maerlant in de dertiende eeuw. Geringe roem voor een roofdier dat in zijn tamme verschijning—de fret—zo dienstbaar is gebleken. Is een van zijn namen wellicht gunstig? Lees verder “De namen van de bunzing”

Orendel

In bijzonder nieuws is vandaag onthuld dat er aanwijzingen voor leven op Venus zijn ontdekt. Fosfine, een gas dat nauw met leven samenhangt blijkt in grote hoeveelheden voor te komen in de dampkring aldaar. Dat is gelijk een dichterlijk toeval, want fosfine is een fosforverbinding en het woord fosfor komt van Phōsphóros (‘lichtdragend’), de Griekse naam voor de morgenster, oftewel Venus. Laat het tevens bekend zijn dat onze Germaanse voorouders er hun eigen naam voor hadden: *Auzawandelaz, vanwaar Nederlands Orendel. Lees verder “Orendel”

Lang leve de los

We kennen hem nu vooral onder de vreemde, Griekse naam lynx, een wrange herinnering aan zijn verdwijning uit de Lage Landen en aan ons erbarmelijke geheugen. Hij was hier lang inheems, toen er nog plek voor hem was, met een Nederlandse naam van hoge ouderdom. Die luidt los en is de evenknie van Duits Luchs, zoals vos van Fuchs. Naar welk kenmerk van dit schitterende dier wordt hiermee verwezen? De zwarte kwasten van zijn oren misschien? Lees verder “Lang leve de los”

Stille vrienden in Engeland

Zijn Nederlands groen en Engels green hetzelfde woord? Nou, ja en nee. Ze verschillen weliswaar duidelijk van vorm, maar ze hebben niettemin een gemeenschappelijke voorloper, uit de taal waar beide talen vertakkingen van zijn. Het zijn aldus zogenaamde evenknieën, net zoals bijvoorbeeld aarde en earth of huis en house. Van veel Nederlandse woorden is zo vrij gemakkelijk de evenknie in het Engels te herkennen. Veel, niet allemaal, want soms ligt het helemaal niet voor de hand. Lees verder “Stille vrienden in Engeland”

Verkleiningen

Hoewel sommigen van ons tot de rand van waanzin worden gedreven door de overvloed van verkleinwoorden, zal geen ziel geheel zonder dit taalgoed willen of kunnen. Men drinkt biertjes en eet hapjes, en niemand vermijdt beetje ten gunste van het grondwoord beet. Bovendien weten weinigen van ons dat bijvoorbeeld druppel, varken en veulen eigenlijk ook verkleinwoorden zijn. Dat noopt tot een uitleg van onze achtervoegsels ter verkleining. Lees verder “Verkleiningen”

Eresburg endi Irminsúl

Op een groene heuvel in het Sauerland in het jaar 772 verdedigen de heidense Saksen met hand en tand de belangrijke Eresburg tegen de Franken onder koning Karel, die kort tevoren de oorlog heeft verklaard. Hij weet haar te veroveren en verwoest ook gelijk een van de heiligste heiligdommen der Saksen: de Irminsúl. De burcht blijft betwist en wisselt nog enkele malen van hand, maar Karel behaalt de laatste zege en laat er een kerk bouwen. Van de naam Irminsúl is de godsdienstige betekenis bekend, maar ook Eresburg zou een belangrijk aandenken aan de voorchristelijke wereld kunnen bewaren. Lees verder “Eresburg endi Irminsúl”