Aranmánoth

Er zijn woorden wier klank en aanschijn mij terstond doen dromen over een land waar metaal en wielen schaars zijn, en plastic en beton niets minder dan het werk van kwade geesten. Ja, het is alsof welluidendheid en geheimzinnigheid niet van deze wereld zijn.

Aranmánoth is niet de naam van een roemrijke burcht in een mythisch en woest land waar koningen om hebben gestreden. Noch is het een duistere, bloed-verzegelde toverspreuk in een gewijde taal uit een heidens verleden, of hoe een vermaard en krachtig strijdros hiet in een groot half-verloren heldendicht. Nee, het is evenmin de naam van een scheerse whisky uit de Schotse Hooglanden.

Lees verder “Aranmánoth”

Het mooie kwijnen

Het was het gezicht van mijn moeders vader, het zijn de bomen in herfst, het zijn de oude boerderijen, de verweerde schuren en door gras verzwolgen paden… Het zijn de handen van herders, de vervallen houten hekken rond de weiden, de omloverde muren, de gammele stoelen van gisteren… Getekend zijn zij door vergankelijkheid — met de jaren en de sleet hebben zij hun schoonheid en eigenheid verworven. Zij schitteren in verwering. Heeft zoiets een naam in onze taal? Is het ooit genoemd? Het heugt mij niet.

Lees verder “Het mooie kwijnen”

Land-van-de-rijzende-zon

Hoezeer ik ook de taal liefheb die gevormd is langs de weerbarstige Noordzee, soms voel ik toch een onweerstaanbare drang om even te ontsnappen aan deze omheinde uithoek van de Westerse Wereld. Dan denk ik mij graag temidden van neersneeuwende kersenbloesems en overhangende pagoda’s in het land waar – in de woorden van één inwoner – niet het helle licht wordt aanbeden van de vermeende vooruitgang, maar de lange, eerbiedwaardige schaduw van een rijk verleden. Zo kwam ik ertoe mijn eerste stappen te zetten in de wereld van een taal die wellicht niets met de onze van doen heeft – maar toch veel over onszelf kan vertellen.

Lees verder “Land-van-de-rijzende-zon”

Kleurrijke boodschappers

Hoewel het begin van de lente nog ver weg lijkt, zijn de eerste krokussen en narcissen alweer verschenen. Behalve hun weelderige kleuren en geuren, brengen de lentebloemen ook de Griekse mythen in herinnering waar hun schone namen aan ontleend zijn: legenden van jongelingen als Narkissos, Krokos en Hyakinthos, die verstrikt raakten in goddelijke aangelegenheden en, eer nog de zomer van hun leven aanbrak, stierven in de schoonheid der jeugd – net als de bloemen waarin ze voortleven. Een heel ander verhaal vertelt de iris, de kleurrijke boodschapper der goden op wier komst we nog enkele maanden moeten wachten.

Lees verder “Kleurrijke boodschappers”

In bronk

Met veie dacht ik enkele dagen geleden een erenaam voor de maand oktober ontdekt te hebben. Maar zoals waarde lezer Dauwvoeter opmerkte zou aansluiting bij woorden als brons en brecht ‘stralend’ voor zo een erenaam ook niet gek zijn. “Het is immers een maand die naar het donker gaat, maar juist ook zo’n nadruk legt op het licht en uitbundigheid van kleur.” Aldus Dauwvoeter. Inderdaad. … Lees verder In bronk

Herfst

Zegel is alweer bijna om en herfst is begonnen. Bladeren kleuren en vallen van hun bomen en winter zal volgen. Het woord herfst slaat eigenlijk op de tijd van het plukken, op de oogsttijd. Het komt net als Duits Herbst, Engels harvest en Fries hjerst van Oudgermaans *harbistaz (Zweeds höst en Noors høst komen van de variant *harbustaz) en is in de verte verwant aan … Lees verder Herfst

Van goden en dagen

Een van de dingen die de oude, heidense Germanen van de Romeinen overnamen was de zevendaagse week. De dagen in de week kregen weliswaar Germaanse namen, maar naar voorbeeld van de Romeinse namen. Zo hebben diēs Sōlis ‘dag van Zon’ en diēs Lūnae ‘dag van Maan’ begrijpelijkerwijs geleid tot zondag en maandag. In het geval van diēs Sāturnī ‘dag van Saturnus’ is de Romeinse godennaam … Lees verder Van goden en dagen