Tien jaar Taaldacht

Het is vandaag het tweede vichtel (lustrum) van Taaldacht en dat vraagt om een kleine terugblik op de laatste vijf jaar. Er is in die tijd veel gevorst en geschreven, met name gewroet naar de oorsprong van allerhande woorden, waarbij veel nieuwe antwoorden zijn gevonden. Het is tevens bijna een jaar geleden dat de oude opmaak verloren is gegaan: de knusse stek onder de wortels van de machtige beuk moest wijken voor de huidige, breder opgezette webstede. Lees verder “Tien jaar Taaldacht”

Zinzate

In een ander, minder druk Nederland waar het wild kan gedijen loop ik over oude holle paden van wij naar wij, de heilige oorden die vaak in bossen te vinden zijn. Vele zijn tevens hoven waar toegewijden in en om de houten zalen dagelijks hun geest en lijf oefenen, de tauw indachtig. Het leven is er eenvoudig en een van hun wijzen van bezinning is de meditatie, of zinzate zoals het daar heet, vaak met uitzicht op welvertakte bomen. Ik ga zitten en neem deel. Lees verder “Zinzate”

Heilige ruimte

Het is een vlucht uit de alledaagse wereld, wanneer ik weer eens door de bossen van Drenthe wandel en geniet van de beelden, geuren en geluiden—de rust—te midden van de bomen en vogels. Het is alsof ik weer opgeladen word na een tijd van geestelijke leegte. En toch heb ik dan alsnog ergens het gevoel dat er iets ontbreekt of dat ik niet helemaal heb gevonden wat ik zoek. Het is pas de laatste jaren, ten dele door mijn verdieping in een land aan de andere kant van de wereld, dat ik besef wat het is dat ik mis: heilige ruimte. Lees verder “Heilige ruimte”

Het kerven van grote getallen

Onze taal is goed te spellen met een nieuwe uitvoering van de ᚱᚥᚾᛋᛏᚪᚠᚳᚾ (ruinstaven), de Germaanse tekens die uitermate geschikt zijn voor het kerven van woorden in hout. Ze bestaan uit schuine en staande lijnen, nooit liggende, zodat ze altijd dwars over nerven zijn aan te brengen en er geen verwarring of splijting hoeft te ontstaan. Een groot nadeel van dit schrift is evenwel dat het geen gemakkelijke weergave van (met name grote) getallen toelaat, aangezien het vanouds geen cijfers oftewel talstaven heeft. Wat valt hiervoor te verzinnen? Lees verder “Het kerven van grote getallen”

De tauw

Het was een geweldig toeval, als het geen bevestiging van hogerhand mag heten. Ik zocht een voorouderlijk woord voor de onderliggende schikking van het bestaan en vond het Oudgermaanse *tēwō. Daarmee werd weliswaar ‘orde’ in het algemeen bedoeld, maar de Nederlandse voortzetting zou tauw luiden en laat dat nu ook de uitspraak zijn van tao, zoals de kosmische orde heet in de wijsbegeerte van het oude Zijderijk. Heden kan ik zeggen: de tauw als woord en begrip is van de hoogste waarde in de bezinning op het bestaan en de hernieuwing van onze taal en zeden. Lees verder “De tauw”

Anderbode

De lente mijn liefste is volop in gang en ik verheug mij op de malse groene wereld waarin ik mij straks weer bevinden zal. Het zijn zalige dagen voor ieder die de tijd neemt om werkelijk met aandacht te zien hoe bloem en blad tevoorschijn komen, ontvouwend als kunstige kleinoden volgens de regelmaat van de tauw. Met dat wonderbare schouwspel in de geest is ooit heel dichterlijk Anderbode bedacht, een jongensnaam die zoveel als ‘bloeiende knop’ of ‘bottende knop’ betekent. Lees verder “Anderbode”

Blank, wit en de greep op taal

Een woordenschat verandert gelijk de samenleving verandert met de komst van nieuwe zaken en mensen, het keren van zienswijzes en de voeling met andere talen. Het gaat allemaal vanzelf in de grote menselijke wisselwerking. Zo’n verloop valt nauwelijks te sturen en verzet tegen leenwoorden is al helemaal hopeloos. Dat is ongeveer de gedachtegang die heden heerst. Ze wordt echter gelogenstraft door een opmerkelijk gegeven: de inruiling van blank voor wit bij alle grote Nederlandse bladen en omroepen in zeer korte tijd. Lees verder “Blank, wit en de greep op taal”

Hoe het groeit

De werking van het wild is schoon en verschrikkelijk en—in wijde spannen—van de hoogste betrouwbaarheid. Volgens het alomwezige schikkende beginsel, de onderliggende orde die wij de tauw mogen noemen, gaat elke dag de zon over, kabbelt er zoet water in beken en richt bij rust een rijzige beuk zich op uit een nietige noot. Zo is het ook dat uit de aarde groen gras groeit en zo is het geen toeval dat die woorden op elkaar lijken. Want met groeien bedoelde men vroeger niet zomaar ‘groter worden’, maar iets dat vooral blad en spriet doen. Lees verder “Hoe het groeit”

Houd afstand van elkaar

De afgelopen dagen is bekend gemaakt hoe Nederland naar raad van het RIVM het coronavirus het hoofd gaat bieden. En dat is gebeurd in niet mis te verstane bewoordingen, zodat de ouderen onder ons het ook begrijpen. We gaan flatten the curve (de kromme afvlakken): ervoor zorgen dat het aantal besmettingen niet zo snel stijgt dat ons zorgstelsel overbelast raakt of zelfs bezwijkt onder ernstige gevallen. Naast goed en vaak de handen wassen bereiken we dit vooral—en het kan niet vaak genoeg gezegd worden—met social distancing (wijde omgang), oftewel afstand bewaren zodat we elkaar niet aansteken. Lees verder “Houd afstand van elkaar”

Bráhman en de Arische dichters

Het eeuwige, onveranderlijke, onvoorwaardelijke en immer in alles aanwezige beginsel van het bestaan—het zuivere bewustzijn als diepste en hoogste werkelijkheid—wordt in India al drieduizend jaar begrepen onder de naam Bráhman. In de oudste bronnen sloeg het woord echter op een zekere bezigheid van dichters, en over de eigenlijke betekenis zijn de meningen dan ook verdeeld, maar er lijkt in elk geval verband met het een en ander in de Germaanse talen, verre verwanten van het Oudindisch. Lees verder “Bráhman en de Arische dichters”

Reuen van weleer

Tegenwoordig bedoelen we er mannetjeshonden mee, maar vroeger sloeg reu op speurhonden en krachtige honden in het algemeen. Speurhonden—zij die met reuk jagen—waren dan ook een stuk groter en sterker dan nu en vermoedelijk zo gefokt om tegen oerossen, herten, beren en wilde zwijnen hun mannetje te kunnen staan en tevens als waak- en krijgshond te dienen. Een van deze kenmerken zal dan ook in het woord reu besloten liggen. Lees verder “Reuen van weleer”