Stille vrienden in Engeland

Zijn Nederlands groen en Engels green hetzelfde woord? Nou, ja en nee. Ze verschillen weliswaar duidelijk van vorm, maar ze hebben niettemin een gemeenschappelijke voorloper, uit de taal waar beide talen vertakkingen van zijn. Het zijn aldus zogenaamde evenknieën, net zoals bijvoorbeeld aarde en earth of huis en house. Van veel Nederlandse woorden is zo vrij gemakkelijk de evenknie in het Engels te herkennen. Veel, niet allemaal, want soms ligt het helemaal niet voor de hand. Lees verder “Stille vrienden in Engeland”

Verkleiningen

Hoewel sommigen van ons tot de rand van waanzin worden gedreven door de overvloed van verkleinwoorden, zal geen ziel geheel zonder dit taalgoed willen of kunnen. Men drinkt biertjes en eet hapjes, en niemand vermijdt beetje ten gunste van het grondwoord beet. Bovendien weten weinigen van ons dat bijvoorbeeld druppel, varken en veulen eigenlijk ook verkleinwoorden zijn. Dat noopt tot een uitleg van onze achtervoegsels ter verkleining. Lees verder “Verkleiningen”

Eresburg endi Irminsúl

Op een groene heuvel in het Sauerland in het jaar 772 verdedigen de heidense Saksen met hand en tand de belangrijke Eresburg tegen de Franken onder koning Karel, die kort tevoren de oorlog heeft verklaard. Hij weet haar te veroveren en verwoest ook gelijk een van de heiligste heiligdommen der Saksen: de Irminsúl. De burcht blijft betwist en wisselt nog enkele malen van hand, maar Karel behaalt de laatste zege en laat er een kerk bouwen. Van de naam Irminsúl is de godsdienstige betekenis bekend, maar ook Eresburg zou een belangrijk aandenken aan de voorchristelijke wereld kunnen bewaren. Lees verder “Eresburg endi Irminsúl”

Een stel in een woord

De tauw—de onderliggende schikking van het bestaan—behelst tegenstelling en wederzijdse afhankelijkheid, waarbij het ene door het andere betekenis heeft. Zo weten wij wat warm is omdat wij koud kennen, en andersom. In de oude Zijderijkse wijsbegeerte wordt zulke tweeheid gevat in het bekende begrip yīnyáng, oftewel ‘donker en licht’. Niet toevallig is dat woord het toonbeeld van een stelwoord, zoals ook Gronings voaiemoeke ‘vader en moeder’ en Oudindisch dyāvāpṛthivī ‘hemel en aarde’. Lees verder “Een stel in een woord”

Het geheim van Nistelrode

Ergens in de derde eeuw worden dertig delen bronzen wijnvaatwerk begraven op een plek in wat nu Noord-Brabant is. Het geheel is van Romeinse maak, met een afbeelding van de machtige held Herculēs op een van de schalen. Is het een godenoffer van een rijke boer of is het vlug verstopt voor groepen Germanen die deze grensstreek van het inmiddels wankele Rijk teisteren? Dat zal altijd een vraag blijven. Wel kunnen we bedenken waarom dit oord later Nistelrode heet: daarin schuile een vergeten woord voor een windrichting. Lees verder “Het geheim van Nistelrode”

Wat het Frans van de Franken heeft

Aan het begin van de middeleeuwen was bijna heel Gallië in handen van Germanen uit het Rijngebied: de Franken. In het noorden behielden zij hun eigen taal, de voorloper van het Nederlands en enkele Duitse streektalen. In het zuiden, waar zij minder talrijk waren, gingen zij over op het plaatselijke Latijn. Dat werd uiteindelijk het Frans, een taal die veel invloed op de onze zou hebben maar vanaf het begin ook veel woorden van de Franken en andere Germanen bevat: van kleurnamen als blanc, brun, fauve en gris tot beschrijvingen van het landschap als bois, falaise, haie en marais. Veel van deze zijn nu verzameld. Lees verder “Wat het Frans van de Franken heeft”

Ravenroem

Bloed vloeit en volk valt op het slagveld. Boven het luide gedrang zweven grote zwarte vogels in hoge afwachting rond: zij zullen zich aan de lijken verlustigen zodra de strijd beslecht is. Maar het zijn niet zomaar aaseters, het zijn dieren van hoog verstand, en het betaamt dat de zienergod Woen—het grote voorbeeld van krijgers in Middelgaard—twee van hen als helpers heeft om hem elke dag nieuws te brengen. Wij spreken uiteraard van raven. Lees verder “Ravenroem”

Zinzate

In een ander, minder druk Nederland waar het wild kan gedijen loop ik over oude holle paden van wij naar wij, de heilige oorden die vaak in bossen te vinden zijn. Vele zijn tevens hoven waar toegewijden in en om de houten zalen dagelijks hun geest en lijf oefenen, de tauw indachtig. Het leven is er eenvoudig en een van hun wijzen van bezinning is de meditatie, of zinzate zoals het daar heet, vaak met uitzicht op welvertakte bomen. Ik ga zitten en neem deel. Lees verder “Zinzate”