Letterlijk

Het blijkt niet goed voor mijn gemoed om enkele dagen thuis te zitten en grieperig mijn toevlucht te nemen tot Amerikaanse soaps.

I’m literally dying to see you” kermt soapblondine I in de hoorn van haar jaren 90-telefoon. Bij dit zorgwekkende bericht verwacht ik dat soapblondine II meteen ophangt om het ziekenhuis te bellen. In plaats daarvan kraamt ze uit, “So am I, honey”, wat mij bepaald niet geruststelt. Vervolgens nemen de twee stervende blondines integraal hun liefdesleven door voor de kijker die de afgelopen acht afleveringen gemist heeft.

Lees verder “Letterlijk”

Taalverrijking

Van alle taalverrijkingen die de voorbije jaren tussen Big Macs en iPhones naar onze kusten zijn verscheept, heeft er één een bijzonder plaatsje in mijn hart veroverd. En nee, dan heb ik het niet over een aanwinst als human resources of mindfulness, hoezeer die ook mijn innerlijke horizon verbreed hebben. Het gaat mij om upgraden, dat met zijn poëtische precisie nu al een waaier aan werkwoorden overbodig gemaakt heeft. Wie van ons heeft niet reikhalzend uitgekeken naar de dag dat Germaanse restanten als uitbreiden, verbeteren en vernieuwen bij het grof vuil gezet konden worden?

Lees verder “Taalverrijking”

Germaanse namen herbezocht

Ieder jaar geeft de Sociale Verzekeringsbank, de instelling verantwoordelijk voor de uitkering van de kinderbijslag, een lijst uit van de populairste kindernamen in Nederland. Bij beschouwing van deze lijst hoeft men geen naamkundige te zijn om te zien dat de hedendaagse Nederlandse namenschat een onsamenhangend allegaartje is, een vormloze, bijeengeleende warboel van namen, vol met klanken die vloeken met de gewone Nederlandse taal.

Lees verder “Germaanse namen herbezocht”

Wafelwoede

Weinig dingen zijn zo ontzettend Nederlands als de stroopwafel. De stroopwafel mag zich voor menig buitenlander meten met de molen en de klomp, zodat er op Schiphol velen duiten worden neergelegd voor vele stroopwafels in Delfts blauwe blikken, die vervolgens naar alle windrichtingen vliegen. Voor Nederlanders zelf is deze geruite versnapering in zekere zin de belangrijkste van de drie, want alledaagser dan molens en klompen.

Lees verder “Wafelwoede”

Gekleurd glas

In zijn strijd tegen taalverloedering zal de schrijver gekleurd glas niet aanzien voor een helder venster. Al spreekt rond hem heel de wereld onbedoeld in zinnebeelden, hijzelf houdt zijn ogen wijd geopend voor de stilzwijgende metaforen die onze blik verkleuren.

Zo schreef de Britse kunstcriticus Walter Pater in zijn Essay on Style (1889). Ook meer dan een eeuw later staan de kranten en  boeken nog vol met argeloos gebruikte beeldspraak, en niet alleen in literatuur, maar ook, of juist, in teksten die pretenderen een nuchtere weergave van de werkelijkheid te geven. Gedachteloos worden metaforen doorgegeven die niet alleen ons denken sturen, maar zelfs – zoals Lakoff en Johnson aantoonden in Metaphors We Live By (1980) – ons handelen kunnen bepalen.

Lees verder “Gekleurd glas”

Valse noot

Lang heb ik gedacht dat het eigenlijk vreemd is om een enkel woord ‘mooi’ of ‘lelijk’ te vinden. Zijn woorden immers niet als muzieknoten die pas betekenis krijgen wanneer ze samengeweven worden tot zinnen en verhalen als tot melodieën en akkoorden? Maar wellicht gaat dit niet altijd op. Alsof de duvel zelf ermee speelde, werd ik onlangs op één dag driemaal geconfronteerd met een woord waarvan ik dacht dat het reeds lang verbannen was naar een afgelegen, verlaten Elba van de Nederlandse taal. Kennelijk echter is deze kleine banneling even sluw en vindingrijk als ooit de Kleine Keizer was.

Lees verder “Valse noot”