Nieuw leven voor Oudnederlands

Vraag een willekeurige Nederlander wat hij weet over Oudnederlands en hij komt waarschijnlijk niet veel verder dan hebban olla vogala… En dat is mits hij “Oudnederlands” niet verstaat als “oud Nederlands”, zoals dat van de Gouden Eeuw. Dat is ook niet gek, want er is nu eenmaal weinig in het Oudnederlands overgeleverd. En tegenwoordig krijgen kinderen hoe dan ook weinig mee van de vaderlandse geschiedenis in de tijd van het Oudnederlands en daarvoor. En dat is jammer, want er valt veel over onze verdere voorouders te vertellen.

Lees verder “Nieuw leven voor Oudnederlands”

Wichtnamen aangeboden

Met genoegen bied ik u mijn Wichtnamen aan, oftewel de ‘namen van wezens en zaken’. Ik heb namelijk de namen van mindere en grotere wezens en zaken uit de Germaanse oudheid in een lijst verwerkt en voorzien van een etymologische duiding. Bovendien heb ik de wezens en zaken bij hun eigenlijke, klankwettige namen genoemd. Dus bijvoorbeeld niet “Wodan”, maar gewoon Woen, dan wel Woedan. En … Lees verder Wichtnamen aangeboden

Nissen

In en rond de hoeves van Noorwegen leeft de nisse, een wezentje dat goed werk levert voor de dieren van het erf. Om hem hiervoor te bedanken, en om hem te vriend te houden, geeft de boer hem maaltijden. Omdat de nisse vaak in de fjøs (‘stal’) zit wordt hij ook wel fjøsnisse genoemd. In Zweden kent men hem als de tomte en in Nederland is hij te vergelijken met de kabouter in diens oude vorm. De oorspronkelijke betekenis van kabouter is dan ook waarschijnlijk ‘huisvriend, huisgeest’.

Lees verder “Nissen”

Door en dweer

En ik stond voor een poort hoog en sterk.
En ik dacht: hebt gij immer ‘poort’ geheten? Is dat uw naam?

Wel, in het Middelnederlands bestond naast het vrouwelijke woord (die) dore/duere/dure ‘deur’ ook het onzijdige woord (dat) door ‘deur, poort’. Onze Duitse zustertaal, behoudzaam als zij is, heeft de beide woorden gehouden: naast (die) Tür ‘deur’ vindt men nog (das) Tor ‘poort, doel’.

Lees verder “Door en dweer”

Dustsceawung

Wrætlic is þes wealstan/ wyrde gebræcon

burgstede burston/ brosnað enta geweorc.


(Wonderlijk is de steenwal/ door het lot gebroken.

De burgstede gebarsten/ broos brokkelt het Ettenwerk.)

Uit: The Ruin

Er is een woord in het Angelsaksisch dat me in mijn hart trof toen ik het voor het eerst las: dustsceawung, de contemplatie van het stof. Om het in eenvoudiger taal te zeggen: stofschouwing.

Lees verder “Dustsceawung”

Tändstickor

Iedereen kent de Zwaluw-lucifers uit Uddevalla, Zweden. Op het doosje is säkerhets tändstickor te lezen. Mijn ervaring is dat veel mensen denken dat dat zo veel als ‘zekerheids-tandenstokers’ betekent. Niets is minder waar. Ten eerste betekent säkerhet niet ‘zekerheid’ maar ‘veiligheid’. Ten tweede: tänd- in tändstickor komt van het werkwoord tända ‘aansteken, doen branden’. Tändstickor (enkelvoud: tändsticka) zijn dus gewoon ‘aansteekstokjes’, oftewel ‘lucifers’. Dit werkwoord … Lees verder Tändstickor

In bronk

Met veie dacht ik enkele dagen geleden een erenaam voor de maand oktober ontdekt te hebben. Maar zoals waarde lezer Dauwvoeter opmerkte zou aansluiting bij woorden als brons en brecht ‘stralend’ voor zo een erenaam ook niet gek zijn. “Het is immers een maand die naar het donker gaat, maar juist ook zo’n nadruk legt op het licht en uitbundigheid van kleur.” Aldus Dauwvoeter. Inderdaad. … Lees verder In bronk

Was Zwaaf de zwaze naam van de Germaan?

Menig geleerde heeft al het hoofd gebroken over de herkomst van de naam Germanen. Het lijkt er op dat deze naam nooit met zekerheid zal worden geduid. Maar een verkenning van de mogelijke duidingen is op zichzelf al een boeiende onderneming. In zijn bekende werk de Germania schrijft de Romeinse geschiedschrijver Publius Cornelius Tacitus: (2. 3) But the term ‘Germania’, they say, is modern and … Lees verder Was Zwaaf de zwaze naam van de Germaan?